SLEEPLESS IN MANHATTAN 12

Brooklyn Follies: Franse uiensoep en een Steak Frites in de Bar-Tabac
It´s a hymn to the great People Republic of Brooklyn
Paul Auster, writer/co-director, Blue in the Face
De rit door Brooklyn zal via Willoughby Street en Cadman Plaza in een lange lus naar Brooklyn Heights gaan. We zullen uitstappen in Atlantic Avenue, een buurt waar veel antiquairs te vinden zijn. Vanwege de kleinschaligheid in deze borough van 2,5 miljoen inwoners herken je sneller de etnische buurten. Dat begint al bij de Italiaanse hoek waar ook Pete’s Downtown bij hoort (waar we gisteravond gegeten hebben). Bij buurman Grimaldi in Old Fulton Street – de eerste pizzeria in Amerika: al vanaf 1905 – staat op het trottoir een rij van bijna honderd meter te wachten op de lekkerste pizza van New York. It is our passion for pizza that made us a “must have” for pizza lovers and celebrities alike, including Frank Sinatra and former NYC Mayor Guiliani.
Vervolgens langs de East River waar aan de kades een forse kaalslag heeft plaatsgevonden. De oevers worden volledig gerenoveerd, en er worden brede promenades aangelegd zodat het einde van de sjofele parkeervelden nu snel nadert. We rijden door tot aan de Red Hook, de buurt waar tegenwoordig nogal wat werkloosheid heerst omdat veel aan de visvangst gerelateerde bedrijven op de fles gegaan zijn. In de glorietijd van de Red Hook meerden er de grote trans-Atlantische zeeschepen aan, en waren de grote dokken altijd gevuld. Tegenwoordig worden de lege bedrijfshallen steeds vaker bewoond en ingericht door kunstenaars die Manhattan te duur vinden. Een van de bekendste Red Hookers was de gangster Al Capone, geboren in Brooklyn. Het is maar dat je het weet.
Dan weer rijdt de Gray Line je door een Arabische buurt, met veel kleine rommelige winkeltjes. Damascus Bread & Pastry Shop. Amman Grocery. Maar ook zijn er de vertaalbureaus, Arabisch – Engels. Want dat niet iedereen in New York het Engels meester is hadden we al geconstateerd bij de Chinezen in Chinatown. Kerken van allerlei linguïstische origine. De Spaanse Iglesia Christiana Manantial. En ineens steekt daar de spitse kerktoren van een oud-Hollands kerkje boven de woonblokken uit. Schermerhorn Street, het zal toch niet waar zijn: poldertaal in Brooklyn. Verderop zijn de Poolse enclaves. Of die van de orthodoxe Joden rondom Borough Park. Of de Carribische bij Crown Heights. En al die andere etnische buurten. De Cocina Mexicana naast de Epicerie du Quartier. Brooklyn, een wereldstad op zich.
En daar sta je dan op het brede trottoir van Atlantic Avenue. Strakblauwe lucht erboven. Warm begint het al te worden. Brooklyn air. Een van de melting pots van New York. Het is rustig op de brede avenue. Niks hectisch hier. Relaxt. De winkelier klopt zijn deurmat uit. Zijn ramen worden gezeemd door een Mexicaanse.
We lopen richting Smith Street waar John ons naar toe loodst vanwege het Franse restaurant Bar Tabac dat bekend staat om zijn voortreffelijke eten. We zullen zien. Ver lopen is het niet. Een paar blokken maar. Eerst rechtdoor, dan linksaf. En mochten we dollars tekort komen, dan is er altijd een helpende hand die naar je uitgestoken wordt. No money Problems – a recession art show 3rd Floor, meldt een slordig op het trottoir neergekwakt reclamebord. Het is bijna zomers warm geworden, als we Smith Street in slaan. Een bedrijvige, drukke winkelstraat die bijna Europees aandoet. Vlak bij Boerum Hill, waardoor het zelfs Nederlands aandoet. Welcome Home!
Smith Street is the pulsing heart of Cobble Hill; site of several semi-quiet restaurant revolutions; and site of the biggest Bastille Day celebration in the United States. The revolution gets considerably more noisy when Smith Street is covered in sand, the petanque tournament gets into full swing, and the national TV networks descend on this little stretch of French Independence revelry. But it doesn’t end when the holiday is over and the New Orleans swing bands have packed up. Kortom: Bar Tabac is niet zomaar een willekeurig restaurantje. Buiten een smal terras, en binnen een bistroachtige inrichting. Veel hout. En nog meer Franse bric-à-brac: posters, reclameborden, Franse dranken. Suze. Perrier. En een rommelige sfeer. Maar de tent zit bijna vol. Een goed teken.
In het centrale deel is nog net een tafel voor vier personen vrij. John schurkt zich in de hoek, zodat hij goed uitzicht heeft op de Franse serveerster die ook nog een de vrouw of de vriendin van de Amerikaanse eigenaar blijkt te zijn. Hoewel hij zijn meest libidineuze Frans over de tafel laat glijden, lukt het hem niet de zwarte sluikharige op zijn erelijst te krijgen. Het blijft bij complimenten over en weer.
Maar we kwamen om er te eten. Francophiles will appreciate the artfully aged environs, the wine list, the bar snacks and the obligatory steak-frites and onion soup. Volgens een van de reviews op het net. En tegenwoordig kijk je daar met een schuin oog naar. En bovendien is er the waitress whose thick French accent makes you smile. Het wordt dus definitief steak-frites met een stevige uiensoep vooraf. En wijn. Je niet zomaar een keer in het Quartier Latin van Brooklyn. Brooklyn Follies, op culinair gebied, om het maar eens met een van de hier gevestigde New Yorkse auteurs te zeggen Paul Auster, natuurlijk. Wie anders?
John spart nog wat met de Franse serveerster, terwijl wij onze hete uiensoep weg lepelen, en de slierten gesmolten kaas als dunne bleke kabels naar binnen zuigen. Het is alsof je heel vroeg in de ochtend in een van de talrijke bistro’s bij de oude Parijse Hallen je doorwaakte nacht zit te bezweren. De soep smaakt voortreffelijk. En ook de steak-frites biedt een stevig stuk mals vlees. De economische schade zal voor deze maaltijd oplopen tot 140 dollar. Een koopje. Als digestief een wandeling in de zon. Brooklyn stroomt bij je binnen. Daar is, ondanks de soupe à l’oignon en de steak-frites nog plaats genoeg voor. Gelukkig.
Gewoon wachten op de Gray Line, op de plek waar we uitgestapt zijn: Atlantic Avenue. Om de rest van de Brooklyn Loop af te ronden. Bovendeks zit het helaas vol. Via Flatbush Avenue belanden we op Grand Army Plaza en het tegenover gelegen Prospect Park waar een ongelooflijke mensenmenigte is toegestroomd. Het groene hart van Brooklyn: 240 hectare groot. Playgrounds. Grazige weiden. Bos. Het werd ontworpen door dezelfde landschapsarchitecten die ook Central Park hebben ontworpen: Frederick Law Olmsted en Calvert Vaux. Op veel plekken hoor je jazzorkesten. Alles is in beweging. Er is een markt. En het publiek bestaat uit alle denkbare kleuren en kleding. De multiculturele samenleving van Brooklyn. En boven alles de zon, hoewel het wat koeler wordt tegen het einde van de middag.
Dan weer rij je door rustige lanen met aan beide zijden de imposante brownstones, tegenwoordig bewoond door een bevolking met bovengemiddeld inkomen. Vervolgens maakt de rode Gray Line een rondje rondom de 21 hectare grote Botanic Garden van Brooklyn. Om op de terugweg richting Manhattan nog een lus te maken over Lafayette Street en Dekalb Avenue. De laatste megastores van Brooklyn. Garagebedrijven. En hier en daar een in de verdrukking geraakte kleine neringdoende.
Voor ons doemt het machtige stalen geraamte van de Manhattan Bridge al weer op. Meer dan twee kilometer lang hangt hij sinds 1909, net een eeuw dus, boven de East River. De brug heeft op de bovenste laag vier rijbanen opgesplitst in twee rijbanen aan iedere kant van de brug, in het middelste gedeelte van de bovenste laag bevindt zich niets. Twee rijbanen gaan naar Manhattan en de andere twee gaan naar Brooklyn. Op de onderste laag bevinden zich 3 omkeerbare rijbanen, een fietspad, Vier metrolijnen en een voetgangerspad. De drie onderste rijbanen worden gebruikt richting Manhattan tijdens het ochtendspitsuur en richting Brooklyn tijdens het avondspitsuur.
Terug bij halte South Street Seaport. Vanwege de snelle verwerking van de passagiers staat er nu een Gray Line Express klaar die je rechtstreeks, en zonder stops, naar Times Square zal rijden. Op dit aanbod gaan we in. Genoeg Gray Line gehad vandaag. Bovendien begint het steeds frisser te worden op de dakloze tweede etage. En zo belanden we in ‘no time’ (hoewel) in het hectische hart van Midtown Manhattan. Het voordeel? Een langere avond om in te vullen. John gaat ons verrassen, kondigt hij aan.