Andalusië: tapas en manzanilla met Federico Garcia Lorca 7
De wereld houdt op bij Chiringuito Colonia in Torre del Mar
Ik kan wel naar het strand willen, maar dan moet ik me eerst een zwembroek aanschaffen om niet op het naaktstrand te eindigen. Dus eerst even langs winkelcentrum El Ingenio. Het wordt een kanariegele bermuda van 19,95 euri. Ik pas de broek in het midden van Eroski, de Spanjaarden om me heen worden er niet koud of warm van. Om half elf hijs ik me in de nieuwe aanwinst op het playa de poniente van Torre del Mar. In de huur van lig- en schaduwmateriaal is dan al voorzien. Voor 6 euri weer de hele dag onder de pannen. Liggen en hoppa! Dolce far niente. Maar dat is dan weer Italiaans.
Het strandgedeelte dat wordt beheerd door Chiringuito Colonia ligt er nog rustig bij. We zijn zowat de eersten die vandaag aanleggen. Alle ruimte. Na een uur wordt het wat drukker. Dikke behaarde Spanjaarden ploffen neer naast ruim hun gevulde echtgenotes. Ik slaag er niet in om voor het middaguur een aantal slanke gestroomlijnde en/of fatale jonge vrouwen te spotten. Daarvoor moeten we toch echt naar Marbella. Maar dat komt er nog wel van, deze vakantie. Marbella, dan. Maar eerst een cortado op het terras van Chiringuito Colonia. Een stevige kop, strakke koffie. In een glas geserveerd.
De hele morgen is het wat heiig. Het gebergte op de achtergrond verdwijnt licht in de nevel. Als ’s middags de wind wat aantrekt is de grauwsluier snel verdwenen. Maar dat heeft dan weer tot gevolg dat de branding rustelozer wordt, en het water vanwege het wervelende zand troebeler.
Tot aan het uur van het middageten lukt het me zo’n honderd pagina’s te lezen in Annie Proulx’ Scheepsberichten. Van het barre Newfoundland naar het zonovergoten strand van Torre del Mar. Bien étonnés de se trouver ensemble. We nemen al vast plaats aan een van de vrije tafels. De meeste zijn al gereserveerd. Elke middag zit het hier stampvol etende Spanjaarden. De bediening is er vlot en hartelijk. Zo’n tien man (en vrouw) personeel loopt er rond, waarvan er een stuk of zes het draafwerk naar de verschillende tafels voor hun rekening nemen. De organisatie is zonder meer perfect. Even buiten het terras, op het strand, houden twee wat verweerde oudere mannen zich bezig met het roosteren van de sardines en de andere vissen. Het olijfhout is in de loop van de ochtend al op de juiste hitte gebracht. Het loopt gesmeerd. De afzet van de spiesen met sardines (espeto) neemt met de dag toe, lijkt het wel. Voor ons dit keer echter geen sardines, maar andere vis.
Het menu del día dat we voorgezet krijgen bestaat uit twee formidabele gazpachos, twee robadas (ik weet nog steeds niet wat voor soort vis het is) met friet, en ananas (Wolf) en café solo (ik) na. Als cement worden brood, glazen bier en water ingezet. Het opvragen van de cuenta is geen zaak waar je tegenop hoeft te zien: 19,30 euri voor twee personen.
Retour naar de hamaca. Gestrekt onder de parasol die gemaakt is van een of andere stugge grassoort. De wereld is heel ver weg. Ik hoor alleen het geruis van de branding.
En ver weg, lijkt het, de spaarzame gesprekken van de andere strandgasten. Zo nu en dan meldt zich een pikzwarte neger met een karton vol zonnebrillen. Merkartikelen waarop de namaak zo vanaf spat. Of met een zak vol luchtige damesjurken, ook nog eens een stapel op de linkerschouder. Voor een euro of tien heb je de meest opzichtige exemplaren. Na afdingen, natuurlijk. Even later hoor je weer het wat zachte geluid van een Koreaanse die masage in de aanbieding heeft. Ze heeft het vooral gemunt op de wat oudere heren. Ik houd me stokdoof en slapend. Ook deze van ver geïmporteerde Sirene gaat weer zonder het kunnen verrichten van licht erotische of lichaamsontspannende diensten voorbij.
Al om half tien – ik heb de avondmaaltijd net achter de kiezen – klimt de volle maan het kobaltblauw van de nacht in. Vanavond is ze wat roodachtig getint. Maar hoe hoger ze komt, hoe meer ze van kleur verschiet. Totdat ze weer als vanouds geelwit boven El Borge staat. Diep beneden klinkt uit Disco Piña rockmuziek. Het begin van het weekend. De plaatselijke band zal later op de avond, tot ver na middernacht, voor vertier zorgen. Het is immers veel te warm (hoewel iets draaglijker dan gisteravond) om te gaan slapen, en wat is er dan beter dan een optreden van de plaatselijks Cuby and the Blizzards. Want zo’n soort retromuziek is het.
Ik laat de huiswijn, Albali Reserva 2004, nog maar eens aanrukken. Daar hebben we het laatste flesje nog niet van gezien, deze vakantie. Tijd om mijn jeugdzonden te overdenken neem ik me niet. Ik duik weer in de Scheepsberichten van Annie Proulx. En om half een houd ik ook dat voor gezien. Cuby and the Blizzards gaan nog steeds ouderwets tekeer als ik de trap op loop naar de slaapzaal van ons Casa García Lorca. De rockband zal het nog tot kwart over een volhouden. Later in de nacht, zo tegen een uur of vijf, keert het jonge volk van El Borge terug van de uitgaanscentra in Málaga. Begeleid door de muziek van autoradio’s en alle honden van het dorp die spontaan aan het keffen slaan. Maar na een minuut of tien is er weer afscheid van elkaar genomen, en kan de , zij het voor even, nog echt bezit nemen van de pueblo blanco. De zon zal het pas na half acht wagen over de bergen tegenover te klimmen. Nog even wat nachtrust, voordat de hete hel weer bezit neemt van El Borge.