Pirandello en het Gekooid Verlangen in Helmond
Het is jammer dat ik vanwege bijzondere omstandigheden en andere bezigheden niet meer van het Pirandello Festival in Helmond kan meebeleven. Ik moet me, samen met Gemma, beperken tot het programma van zondagmiddag en zondagavond 17 juni.
Ter informatie: het tweejaarlijkse festival vindt dit jaar voor de tweede maal plaats, van 14-23 juni. De eerste editie vond plaats in 2005. Maar, in tegenstelling tot twee jaar eerder, is het dit jaar niet alleen Pirandello dat de klok slaat. Ook andere Italiaanse (toneel)schrijvers geven acte de présence: Dario Fo, Andrea Camilleri en Eduardo de Felippo. Nieuw is ook de aandacht voor Italiaanse muziek en de Italiaanse gastronomie. Kortom: Italië (Sicilië) in Helmond. De wereld op zijn kop! Gelukkig dat dit nog mogelijk is.
Het programma van deze zondag mag er zijn. In en rondom het Annatheater, gelegen in een omgeving die helemaal niks heeft van de mediterrane centra van Palermo en Catania, staan een aantal witte puntmutsige tenten opgesteld. Beschermd tegen de zon liggen daaronder appetijtelijke Italiaanse voedingswaren uitgestald. Uiteraard om te proeven. Wijnen, diverse soorten olijfolie, tapenades, kaas (zoals de smakelijke pecorino), worsten, pasta’s en andere aanlokkelijkheden van de cucina italiana. En zelfs de Italiaanse ijskar van de familie Ferrari ontbreekt niet. Op sommige plekken hangt het publiek aan de lippen van een aantal verhalenvertellers, die Pirandello live voorgedragen tot leven wekken. Zoals De Paduaanse muts en De hand van de arme zieke.
Echter, nauwelijks op het festivalterrein gearriveerd loop ik al een oude bekende tegen het lijf. Collega Peter van Overbruggen (we hebben een week lang - op kosten van Europa - door Lissabon gebanjerd; tien jaar geleden al weer) heeft zojuist, samen met 21 andere leden van het Vocaal Ensemble Marcando, Italiaanse liederen ten gehore gebracht. El Grillo, O occhi manza mia, Tuttol o di, Fa un canzona en nog een heleboel andere. Jammer. Maar dat hebben we gemist. De volgende keer gewoon vroeger opstaan.
Ondertussen is het poppentheater van Alberto de Bastiani bezig met de opvoering van Pinocchio. Eerder op de middag presenteerde het gezelschap al Het geheim van Arlecchino en Pulcinella. Ook al geen onbekenden in de Italiaanse cultuur. Ik signaleer nogal wat publiek van Italiaanse origine in de zaal.
Maar buiten – het is warm, en de zon spettert zo nu en dan bijna Siciliaans tussen de witte wolkenmassa’s door – speelt de Koninklijke Harmonie Phileutonia vrolijk verder. In een tent. Want je weet maar nooit, het blijft Nederland. Want gistermiddag viel het een en ander dan ook letterlijk in het water. Ze speelt er lustig op los, de harmonie. Italiaanse operastukken worden gevolgd door de filmmuziek uit La vita è bella. Het is alsof je losjes op een muurtje zit bij de fonteinen van de Quattro Canti, midden in Palermo. Je moet de nederige, bakstenen arbeiderswoningen rondom dit plein gewoon wegdenken. En dat lukt best. Sous le pavé la plage, zeiden ze immers al in Parijs 1968. Gewoon: de verbeelding aan de macht. We zijn niet zomaar te gast op het Pirandello Festival.
Ik maak kennis met de voorzitter van de Stichting die het Festival organiseert. Will Friederichs heeft het druk, want hij wordt geacht op alle plekken tegelijk te zijn. Ook op andere locaties in de stad zijn er evenementen in het kader van het Festival. Op dit ogenblik gaan zijn gedachten al uit naar 2009, wanneer de derde editie van het Pirandello Festival van start gaat. Regeren is vooruitzien. On-Italiaans bijna.
Al die Siciliaanse versnaperingen maken hongerig. En ook de dorst slaat toe. Lekker onder een parasol slepen we wat glazen rode wijn aan. Eten er een kleine tournedos gevuld met kruiden en mascarpone, en vervolgens zeeduivel op Parmaham gebakken op zwarte pasta bij. Maître Léon ziet vanuit zijn witte puntmuts tent dat het ons smaakt. La vita è bella, speelt de harmonie. En zo is het maar net.
Nog voordat we het festivalterrein verlaten schuiven we elk nog een flink carré pizza siciliana en wat malse runder-spiedini naar binnen. Immers, de avond is nog jong en er staat ons nog heel wat te wachten. Naar het centrum, dus.
Om 19.00 uur staat in theater Het Speelhuis een inleiding op de grote theaterstuk van deze week op het programma. Vanavond improviseren wij uit 1930 is door regisseuse Teresa van de Ven eigentijds omgebouwd tot Gekooid verlangen. Een prestatie, die ze zelf toelicht in de inleiding die een half uur zal duren. Het teatro nel teatro tovert nogal wat thema’s uit de magische hoed van meester Pirandello. Wat is schijn? En wat is werkelijkheid? Hoe alles verterend werkt jaloezie? Wie is wie? En wie speelt wie? Kaleisdoscopisch theater wordt ons in het vooruitzicht gesteld. Chaos versus de Rede. De Buik die het opneemt tegen het Hoofd. En je persoonlijke identiteit – evenals die van de anderen – spat als een psychische fragmentatiebom van identiteiten uit elkaar. Maar ondanks de moderne jas waarin Pirandello is gestoken, zal het Pirandello blijven. Zodat we kunnen lachen met een grimas. En blijven verlangen naar de liefde. Gekooid, dat wel.
Zo eendimensionaal is het allemaal niet, maar het geeft wel houvast. Een soort houtvlot in de zee van het kolkende Pirandello-theater. Want je wordt nogal eens van je vertrouwde ankers losgeslagen. Waait met alle winden mee, om vervolgens weer een salto te maken vanwege een sissende tyfoon van onverwachte wendingen.
Driekwart jaar is er aan het stuk gewerkt door een crew van meer dan vijftig mensen. Het resultaat is indrukwekkend. Totaaltheater waarop niks valt af te dingen. De dialogen stuiteren alle kanten op, want de Helmondse circustent wordt volledig benut. En er wordt gemusiceerd, gedanst, gezongen. Er wordt gevochten, gevreeën, gehuild, gelachen. Theater zoals theater moet zijn. Ogen en oren tekort. Want de ene aria is nog niet verstorven in de nacht of een bezwerende Siciliaanse processie klimt over de theaterstoelen naar voren. Kaarsenwalm vermengt zich met ijle Marialiederen. Donkere, staccato kruisen boven een serene engel met gewatteerde vleugels. Devote gesluierde vrouwen biddend voor de eeuwigheid. Ankerpunten in een schuimende oceaan van woorden. Want van de heiligen moet je het maar hebben. Niet alleen op het Sicilië van meester Luigi.
En plotseling is daar het einde. Door de heftigheid en de passie van de lange scène die eraan voorafgaat, heb je het eigenlijk nog niet eens in de gaten. Het licht gaat aan. Het doek blijft open. De spelers stollen ineens weer tot hun eigen lijf. Even met de ogen knipperen tegen het licht. Het circus Pirandello is voorbij. De clowns wissen hun witte schmink van hun gezicht. De wereld blijkt van bordkarton. De leeuwen en de tijgers worden weer achter hun spijlen opgesloten. Het verlangen gekooid.
Zie voor recensie: http://www.8weekly.nl/index.php?art=5365