January 10th, 2006

Terugkijken op het afscheid van gisteren

Posted in: Journaal — admin @ 12:23

Nog moe van de dag van gisteren, een enerverende, energievretende, maar tegelijkertijd hartverwarmende dag. Het einde van een tijdperk, al klinkt dat wat theatraal. De belangstelling was overweldigend. Om 14.15 haalt de taxi Gemma en mij af om ons af te leveren bij de feestaula.

’s Middags de feestelijke zitting die door velen werd gebruikt om je allerlei loftuitingen langs je te laten zoeven. Natuurlijk levert 34 jaar ‘met je voeten in de klei’ heel wat materiaal op om de krenten uit de pap te halen. In een aantal gevallen heb ik de sprekers het gemakkelijk gemaakt. Aan het woord komen achtereenvolgens de voorzitter van het College van Bestuur, Frank Lambriks, met een erg inspirerende, persoonlijke toespraak. Daarna volgt de gastspreker, AOB- en NRC-columnist Ton van Haperen, die het met name heeft over de invloed van ICT in het onderwijs, maar ook de zin en onzin ervan. Van hem ontvang ik een door hem persoonlijk samengestelde en gedownloade cd met muziek van Bob Dylan. Vervolgens is de school aan het woord: John Bierman, campusdirecteur, die zich heeft verdiept in mij loopbaan die gekenmerkt wordt door een naar alle kanten uitwaaierend curriculum vitae. Maar ook de twee teamcoördinatoren, Thea en Henk, leveren een schitterende, humoristische sketch afsloten met een door hen gefabriceerd afscheidslied. Uiteraard heb ik zelf het laatste woord met een schets van de afgelopen periode: van blackboard via greenboard en whiteboard naar smartboard, maar ook over ict en de impact daarvan op het ‘nieuwe leren’. Met een paar kritische noten.

Tijdens de erg druk bezochte receptie wordt een diapresentatie gegeven op het ‘smartboard van de dag’: plaatjes van mijn activiteiten vanaf het begin tot vandaag, een hoog cultuur-, literatuur- en reisgehalte. Maar ook een illustratie van het bijten van de tand des tijds.
De muziek (piano en harp) gaan ondertussen gewoon door. Om kwart voor zeven (we hebben het net gered om iedereen de hand te drukken) staat de taxi weer voor een half uurtje pauze thuis. Om kwart voor acht rijdt opnieuw de taxi voor. De zonen zullen zich bezighouden om de vele cadeaus naar huis te rijden. Daar is bijna een aanhangwagen voor nodig. Maar ik heb morgen de tijd om alles te inventariseren.

Om acht uur ’s avonds worden we verwelkomt door de directieleden met hun partners in Restaurant Valuas in Venlo (in november jl. met een Michelinster gewaardeerd). Ook tijdens het voortreffelijke diner weer toespraken en cadeaus (de meeste om mij schilderhobby te pushen). Opnieuw een hartverwarmend samenzijn met de nu ex-collega’s. Naarmate de avond vordert begint de vermoeidheid toe te slaan. Geen koffie na, maar een flinke Davidoff voor mij. Om middernacht is de taxi er weer om een fantastische dag te besluiten. Het terugzien op een enerverende, maar prachtige tijd kan beginnen. Alle tijd.
Een paar door Lucien gemaakte foto’s ter illustratie. De rest krijg ik te zijner tijd nog aangereikt op cd. Kortom, een kleine impressie.

 

January 9th, 2006

De point of no return is bereikt

Posted in: Journaal — admin @ 10:20

 

 

 

Gisteravond hebben we, als voorafje op het afscheidsfeest, met de familie gegeten in café-restaurant ‘Gaudi’ in Venlo. Tapas vooraf. De maaltijd - zowel vlees- als visschotels - valt bij de meesten goed, maar voor sommigen is het voedsel wat aan de koude kant. Opmerkingen daarover leveren een lager uitgevallen rekening op, en gratis koffie na. Ja, je moet wat als je een uitkering geniet. Voor de rest was het prima eten. Maar ook op de verlichting lijkt bezuinigd, want het was erg donker. Jaren ‘60 ambiance, zullen we maar zeggen. Gezellige avond.

Ik blijf terugblikken. De laatste mijlpaal was mijn 25-jarig jubileum aan het Blariacumcollege. Ik heb nog het een en ander er over opgezocht.

In het Jubileumnummer van 22 juni 2001 van Jonge Poesjes, het toenmalige personeelsblad waarvan ik hoofdredacteur was, werden een aantal personeelsleden van het Blariacumcollege die 25 jaar aan school verbonden waren in het zonnetje gezet. De vijf jubilarissen kwamen

uitgebreid aan het woord. Ik was er dan een van. Hierbij een résumé:

Mijn 25 jaren Blariacumcollege zijn niet ononderbroken geweest. Hoewel ik in 1973 benoemd werd als leraar-Frans, en vanaf 1977 ook als conrector mijn dagen mocht slijten, heb ik van 1 januari 1997 tot half maart 2000 een zwervend bestaan geleid in het nog niet in cultuur gebrachte landschap van Onderwijsgemeenschap Venlo en Omstreken. Eerst als locatiedirecteur op het Collegium Marianum en later in dezelfde functie op de Hogeweg, waar de school inmiddels Valuascollege heette. Vanaf 13 maart 2000 weer terug op het oude nest, nu als sectordirecteur Tweede Fase. Deze maand ben ik op 8 juni 55 jaar geworden, een volledig omkeerbaar getal, maar meer nog een point of no return. Dus meer verleden achter me, dan toekomst voor me. Geboren in het Brabantse Budel (1946), woon ik nu al sinds 1973 in Noord Limburg. ‘De Heikrekels’ uit mijn tienerjaren heb ik derhalve ingeruild voor Rowwen Hèze uit Horst aan de Maas. Maar meer dan van bovengenoemde componisten-collectieven houd ik van muziek van Gustav Mahler, Arvo Pärt, Erik Satie, Portugese fado (o.a. van Dulce Pontes), muziek uit Ierland (Sinéad O’Connor, Mary Black), maar ook uit Nederland (De Kast, Frank Boeijen, De Dijk). Ook met een CD van de Dire Straits kun je me aangenaam verrassen. Kortom een allegaartje, het hangt gewoon van mijn stemming af van welke muziek ik het meest kan genieten.Hetzelfde geldt voor mijn leesgenot. Meestal ben ik echter aan zo?n stuk of vijf boeken tegelijk bezig, lees ze door elkaar, soms zelfs met tussenpozen van een kwartier. Toch zijn er constanten aan te wijzen, boeken die ik steeds weer herlees, geheel of gedeeltelijk. Daaronder vallen o.a. ‘Reis naar het einde van de nacht’ (Voyage au bout de la nuit) van Louis-Ferdinand Céline en ‘A la recherche du temps perdu’ van Marcel Proust. Verder ben ik lid van het Boon-genootschap (’De Kapellekensbaan’ van Louis-Paul Boon is het beste wat volgens mij de Nederlands literatuur heeft verwekt) en een liefhebber van ego-literatuur zoals mag blijken uit mijn volledige collectie (240 delen) van de Privé Domein reeks. Andere favorieten zijn Paul Léautaud, Fernando Pessoa en José Saramago. Ik werk op free lance-basis mee aan het radioprogramma ‘Lezen en Schrijven’ van Omroep Venlo.

In mijn vrije tijd werp ik mij, Voltaire indachtig (’il faut cultiver son jardin’) op het telen van groente op mijn landerijen (14 are). Van courgettes tot aardappelen, van bloemen tot aardbeien. Of werp ik mij op de schilderkunst. Na jaren van onstuimige Bretonse en Provençaalse landschappen, is het nu meer de abstracte wereld van de even onstuimige Spaanse corrida die me bezighoudt. Soms laat ik me bij het schilderen inspireren (of opzwepen) door muziek. Als aanvulling op mijn privé hobby ben ik sinds een jaar of vijftien voorzitter van de teken- en schilderclub ‘Het Brouwershuis’ en sinds drie jaar voorzitter van de Stichting Vrienden van het Museum van Bommel  van Dam in Venlo. De Zondagochtend is voor mij gereserveerd voor mijn schilderkunsten.

Meer nog dan me bezig te houden met deze twee bovengenoemde bezigheden ga ik op reis, houd ik van weidse landschappen. Toscane, de Spaanse Pyreneeën, de Normandische kust, als het even kan kun je me daar vinden tijdens vakanties. Omdat ik het liefst astronaut geworden zou zijn hoop ik nog op een ruimtereis in de toekomst. Voorlopig is het gebleven bij laag-bij-de-grondse vliegtrips naar Istanboel, San Francisco, Lissabon, Dublin, Palermo, Madrid en andere steden die ik in mijn hart gesloten heb. Wie weet gaat na de FPU de wereld pas echt voor me open.

Dat is na vandaag, dus. 

Dat is na vandaag, dus. 

January 8th, 2006

Mémoires d’Outre Ecole

Posted in: Journaal, Travels — admin @ 13:32

 

Morgen is het afscheid van school. In verband hiermee publiceerde ik in de weekkrant ‘In de Week’ een overzicht van de 33 jaar onderwijs in Venlo, waarvan 30 aan het Blariacumcollege. Een cryptische opsomming, maar voor de goede verstaander?

Hieronder de tekst die ik schreef:

Het einde van een lange periode in het onderwijs, en op het Blariacumcollege is op dit ogenblik wel zeer nabij. Morgen breekt de langste vakantie aan ooit. Op tv verscheen de afgelopen weken het ene jaaroverzicht na het andere. Een tsunami aan oud nieuws stroomde over je heen. Hoe hoog moeten de golven dan wel niet zijn, als je het over een periode hebt van bijna 35 jaar, waarvan 33 jaar in Venlo. Maar de cirkel sluit zich: toen ik in 1973 in Venlo kwam waren er nieuwbouwplannen voor uitbreiding en dat is nu niet anders. In al die jaren waren de onderwijsconcepten veranderlijk als het weer. En na regen komt altijd weer zonneschijn.

 

[foto: bezoek aan San Francisco: 3e van links beneden, met dat fototoestel op de buik, dat ben ik] 

Maar zeg je Blariacumcollege, dan denk IK aan:

* het als Buck Mulligan afdalen vanaf de negende in de Knoepert

* Lanceloet van Denemarken spelen zelfs zonder teamcoaching

* de in liederlijkheid uitlopende nachtelijke docentenvergaderingen

* de eerste Blariacumreis naar Parijs en de Loirestreek

* het op het schild geheven worden van de eerste docentenraad

* de landelijk gevoerde strijd voor het behoud van het Frans

* de lier van de Bretonse barden Alain Nevez en Fabienne Guiniec

* al die met veel plezier gegeven lessen Frans

* die zes fantastische uren Novecento als een marathon van Bertolucci

* de dagen en lange nachten in Sint Martens-Latem

* de Canterbury Tales als tijdreis naar de Middeleeuwen

* het tegen de keer in starten van een autonome stichting boekenfonds

* twee keer Hans Dorrestijn met veel chagrijn en ander leed

* het jarenlang CITO-examens maken voor havo en vwo

* Les Misérables die wij speelden met Victor Hugo in theater Carré 
 

*  het vechten voor je salaris in de Veemarkthallen in Den Bosch

* de uren met Cees Nooteboom en Remco Campert in aula-zuid

* de knoflookrijke escargots en uiensoep voor atheneum-6

* de nacht met koning Bokma en zijn slaaf Bob den Uyl

* het reizen zonder IJzeren Gordijn naar de Karelsbrug in Praag

* die vrijdagmiddag met Boudewijn Büch een stampvolle aula-noord

* het overschrijden van grenzen met het Athénée Royal en Bertha Krupp

* Science en Fiction als projectonderwijs avant la lettre

* samen het onderwijs vernieuwen onder de Brandenburger Tor

* The spy who came in from the Cold to Marie Sklodokowska Curie in Polen

* de Vreemdeling en Camus ontmoeten in Théâtre Arlequin te Luik

* het kouwelijk internationaliseren van Dublin tot Helsinki and beyond

* een dag filmen voor ‘We Leven Nog’ op Airport Maastricht

* het vliegen naar Istanbul voor een Hitchcockscène in de douche

* de tijd dat er nog literatuuronderwijs bestond in Nederland

* het vreemdgaan als de laatste rector van het Collegium Marianum

* de Europees gefinancierde studiereizen naar Lissabon en Madrid

* met Martin en Peter kiezen voor het nieuwe Valuascollege

* de flower power van de School of the Future in San Francisco

* professor Jacques Claes met communicatietechnologie in de nieuwe mediatheek

* de sheltering sky en de limit van de CyberClass

* Arion die je polyglot laat stamelen van Palermo tot de tempels van Segesta

* het luctor et emergo van de voortdurende formatieperikelen

* het nieuwe Babylon van het kameleontische onderwijsjargon

* je als Tantalus laten kwellen in het Appeltheater in Den Haag

* het brainstormen en raaskallen in het Belgische kasteel Corsendonk

* de vrieskou trotseren in de hete opaalblauwe Blue Lagoon op IJsland

* het nog een keer eclipseren naar magistraal Madrid en Avila

* meer dan 30.000 euro voor een dam in Ghana bij elkaar lopen

* de Close Encounters of all kind van het nieuwe Juniorcollege

de DAKAR-FOTO van de dag:


 

 

January 7th, 2006

Laatste broeierigheden van James Avati

Posted in: Artist Impressions, Journaal — admin @ 8:37

Het is de cover voor de pocketuitgave van John O’Hara’s Appointment in Samarra (1950). Op de voorgrond danst een man met een vrouw, terwijl op de achtergrond een andere vrouw aan een tafeltje ontgoocheld toekijkt. De vrouw op de voorgrond is blond en draagt een rode strapless jurk, de vrouw op de achtergrond is een brunette gekleed in een zwarte strapless jurk. Het gezicht van de man gaat goeddeels schuil achter dat van de blondine. Hij is hier niet meer dan een rekwisiet, inzet van een strijd tussen twee vrouwen.

Nog voordat je begint met het lezen van O’Hara’s boek heb je al een goed idee van de inhoud. Kortom: Avati geeft door middel van zijn schilderij/cover al een uitstekende samenvatting van het verhaal.

Avati’s boekomslagen doen denken aan oude filmaffiches. En dat is geen toeval. Want de ontwikkeling van het pocketboek loopt bijna parallel met die van de geluidsfilm. De manier waarop films werden geadverteerd in de jaren ‘40 en ‘50 was absoluut van invloed op de vorm van de boekomslagen. Er is een duidelijke voorkeur voor gepaarde, elkaar versterkende begrippen: passie en romantiek, spanning en sensatie, liefde en haat, schuld en boete, vriendschap en verraad, seks en geweld. En vooral die laatste twee zijn favoriet: seks op de voorgrond, geweld op de achtergrond. Er is een hang naar het tonen van een glimp van het verborgen lichaam: de aanzet van borsten, een ontblote rug, het begin van een dij.

Niemand was bedrevener in het op zo’n aansprekende manier etaleren van onderdrukte passie en lust als James Avati. En bij Avati zijn in principe de blonde vrouwen sympathiek en eerlijk, terwijl de donkere, zwartharige vrouwen steevast duivelinnen zijn die uit zijn op verleiden en het bovenhalen van het meest slechte in de man. Een overzichtelijke wereld.

Onderdrukte hitsigheid, zo kun je Avati’s schilderijen / boekomslagen het best karakteriseren. Bloesjes staan open, benen zijn bloot, schouderbandjes zakken af. De wereld van Avati is het paradijs voor négligés, onderjurken en bh’s, van omwoelde bedden en opgeschorte rokken. Van verdorven locaties als cafés en nachtclubs. Roesmiddelen zijn hier niets dan de eerste stap op het slechte pad. En de wereld van Avati kent alleen maar de slechte paden, hoewel hij zelf niet de bedenker was van al die romans en romannetjes.

Stereotiep, zo kun je zijn wereld ook noemen. Vrouwen met sigaretten zijn poer definitie losbandig. Meisjes die blootsvoets gaan, zijn arm maar sensueel. Rijke vrouwen dragen bontstola’s en colliers. Arme vrouwen dragen verschoten katoentjes en niets daaronder. In het bos liggen de vrouwen op het mos, één en al uitdaging. Tegen het hek poseren ze, het been opgetrokken, de rok omhoog gekropen. Op de veranda’s pruilen ze, begeerd maar onbegrepen. Binnenskamers is het donker, terrein van kaars en schemerlicht. Dit is de arena van bedden en banken, van zonde en berouw.

Avati maakte boekomslagen voor heel wat beroemde schrijvers: Caldwell, Faulkner, Farrell, Moravia. Bij uitstek beschrijvers van een broeierig milieu, landelijk en/of in de stad, het maakt niet uit. Als de bomen dorren, is het leven hard. Als de vrouwen hun lippen stiften, is de zonde heel dichtbij. Blondines zijn engelen (tenzij geblondeerd, dan zijn het valse engelen), donkerharige vrouwen zijn duivelinnen. Wat een fantastisch overzichtelijke wereld!

Voor degenen die de expositie JAMES AVATI, KING OF PAPERBACKS nog willen zien: dat kan nog tot en met 15 januari a.s. in de Boscotondohal in Helmond. Alleszins de moeite waard. Uniek. Met dank aan Ron Kaal (HP/De Tijd, 14-10-2005).

Meer over James Avati, zie: http://www.cubra.nl/avati

de DAKAR-FOTO van de dag:

January 6th, 2006

Terug naar de broeierigheid van James Avati

Posted in: Artist Impressions, Journaal — admin @ 9:11

Vandaag nog even verder met James (Jim) Avati. Want over de ‘inhoud’ van zijn schilderijen heb ik het gisteren nauwelijks gehad. En dat is toch de essentie van zijn werk.

Op het eerste gezicht doen zijn schilderijen nogal ouderwets aan. Avati is dan ook geen wilde, moderne schilder die zich met alle modes in de kunst mee laat sleuren. Er zit ook nauwelijks ontwikkeling in. Hij blijft vanaf het begin van zijn carrière zijn ’stiel’ trouw. Dat kan saai lijken, maar iets anders was misschien ook wel niet mogelijk: een ‘Avati’ moet een ‘Avati’ blijven.

Uit de folder die bij de expositie JAMES AVATI, KING OF PAPERBACKS (gratis mee te nemen aan de balie) citeer ik het volgende:

Een heftige romance in de hitte van Amerika’s zuidelijkste staat, een vrouw die meewarig naar een homoseksuele man kijkt, een jongen die stiekem gluurt naar een vrouw in négligé, overspel van een vrouw wier man alleen maar werkt, een zwarte soldaat die het aanlegt met een blank meisje en de treurnis van de minnars na het liefdesspel. Een handvol kenmerkende onderwerpen die de Amerikaanse schilder-illustrator James Avati (1912-2005) schilderde voor menige cover van een boek.?

De ‘portretten’ van Avati zijn eerder verhalen dan schilderijen; geen letterlijke illustraties van de tekst, maar de visuele samenvatting ervan. Avati’s figuren zijn herkenbare individuen bijeengebracht in meestal intieme situaties. Let maar eens op de uitdrukkingen, de houdingen en de gebaren die zijn afgebeelde mensen maken. Let maar eens op hoe hun kleren zitten, de rommel op de bank is ‘geordend’, de etensresten, de achterbuurt die door het raam zichtbaar is. Al die elementen samen vertellen het verhaal. De schilderijen hebben minstens evenveel zeggingskracht als de literaire verhalen waarvoor ze de verpakking vormden.

Zijn hoofdpersonen zijn de komische landarbeiders uit het werk van Erskine Caldwell, of de verarmde adel van William Faulkner, of de Ierse immigranten in de sloppen van Chicago als beschreven door James Farrell.

De omslagen van Avati zijn tevens de eerste massaal gereproduceerde illustraties van het leven van zwarte Amerikanen, homoseksualiteit, impotentie, overspel en postcoïtale depressie. In veel voorstellingen is de spanning tussen een man en een vrouw haast voelbaar. Ieder schilderij van Avati is doortrokken van zijn dromen, verlangens en zijn emoties.

Avati schildert mensen van vlees en bloed, die we dagelijks tegen het lijf kunnen lopen. Of zoals zijn collega, de illustrator Stanley Meltzoff, hem omschreef: ‘Avati is a naturalist painting us with our suspenders down’. Hij geldt als de tegenpool van de grote Amerikaanse illustrator Norman Rockwell.

James Avati

Avati’s schilderijen zijn zonder meer ‘broeierig’ te noemen. De zinderende emotie is af te lezen, of te concluderen, uit de door hem afgebeelde situaties of poses. Het kenmerk van zijn schilderijen is de onderdrukte hitsigheid van de personen die door toeval, door seksuele lust, of uit berekening met elkaar in aanraking komen. Daarnaast zijn de broeierige pocketomslagen de illustratie van een wereld vol zekerheden, zoals die misschien ooit bestond. Waar we tegenwoordig alleen maar weemoedig van kunnen worden. Amerikaans? Dat ook, maar evenzeer universeel. Dat Avati met name Amerikaanse auteurs van ‘beelden’ voorzag is jammer, want er lag nog een oceaan aan materiaal op hem te wachten: Georges Simenon. Jammer, het is er niet van gekomen.

Nog een paar voorbeelden van covers van James Avati:

de DAKAR-FOTO van de dag:

January 5th, 2006

Drie dagen broeierigheid met James Avati

Posted in: Artist Impressions, Journaal — admin @ 8:40

Gisteren een bezoek gebracht aan de tentoonstelling JAMES AVATI, KING OF PAPERBACKS, in de Boscotondohal (dependance van het Gemeentemuseum) in Helmond. De expositie loopt al vanaf 9 oktober en eindigt binnenkort op 15 januari. Er zijn tientallen schilderijen, schetsen, foto’s en omslagen van door James (Jim) Avati vormgegeven omslagen van Amerikaanse paperbacks. Daarnaast is er een 55 minuten durende documentaire te zien over leven en werk van James Avati. De in 1912 geboren Avati stierf vorig jaar, op 27 februari 2005 in Petaluma (Californië).

Wat Avati terecht komt in ‘of all places’ Helmond is me een raadsel. Maar de nieuwe Boscotondohal aan het Frans Josef van Thielplein ziet er prima uit. Voor de tentoonstelling van James Avati is de hele tweede verdieping gereserveerd. Omdat het baliemeisje niet terug heeft van een biljet van 50 euri, wil ze het wel voor minder doen. Vraagt wat ik aan klein geld in mijn beurs heb. De twee euri leveren een seniorenkorting op, zodat ik voor deze som geld naar binnen kan. Waar je ouwe kop al niet goed voor is.

Gedurende de zogeheten paperbackrevolutie van de jaren ‘50 van de vorige eeuw werden in Amerika literaire boeken verkocht in ’softcover’-edities met een miljoenenoplage. Zo bereikte de echte literatuur een nieuw publiek, dat niet gewend was romans te lezen. Realistische illustraties op de covers werden gebruikt om de aandacht van dat publiek te trekken. Avati was de eerste en ook de beste van deze paperback-illustratoren. Zijn collega’s noemden hem dan ook de “King of the Paperbacks”.

De schilderijen die Avati maakte werden al bijproduct beschouwd. Het ging er immers om een goed ontwerp te maken voor een paperback. De afgelopen 25 jaar zijn Avati’s originele schilderijen gelukkig voor een belangrijk deel gered uit de kelders en opslagruimten van de Amerikaanse uitgevers, zoals Signet en Bantam. Tegenwoordig mogen we de schilderijen van Avati als echte kunstwerken beschouwen. Maar helaas zijn er ook tientallen originele schilderijen en tekeningen verloren gegaan. Wat rest zijn dan gelukkig nog de boekomslagen.

Avati werkte in de jaren 50 vooral voor de Amerikaanse New American Library, de uitgever van Signet Books, goedkope herdrukken van kwaliteitsliteratuur voor een groot publiek. Als geen ander slaagde Avati erin op zijn omslagschilderijen de essentie van een literair verhaal (’the guts of the story’) uit te beelden. Daarmee werden de beelden van Avati een belangrijk bestanddeel van de massacultuur uit die jaren.

Avati heeft het grootste deel van zijn werkzame leven in de staat New Jersey gewoond. Hij werd op 14 december 1912 geboren in Bloomfield, als zoon van een Schotse moeder en Italiaanse vader. Hij bracht zijn kinderjaren door in Little Silver en studeerde aan de Princeton Universiteit. In 1940 trouwde hij met Jane Hammell, dochter van een illustratrice en een art director, en vestigde zich in Red Bank.

Na de Tweede Wereldoorlog probeerde hij als illustrator in zijn onderhoud te voorzien. In 1949 maakte hij zijn eerste omslagen voor paperbacks van de uitgeverijen Bantam Books en Signet Books. Hij werd al snel een van de succesvolste en best betaalde omslagillustratoren van zijn tijd. Maar anders dan zijn collega’s, die dit werk hoogstens enkele jaren deden om geld te verdienen, heeft Avati zijn verdere leven niets anders gedaan. Na zijn ‘gouden periode’ bij de New American Library (1949-1955) bleef hij pocketomslagillustraties maken; in de jaren 60 vooral voor Bantam Books, in de jaren 70 vooral voor Avon Books, en daarna voor alle andere grote paperbackuitgeverijen.

James Avati is tweemaal getrouwd geweest en heeft acht kinderen. Zijn oudste dochter Alexandra (Zan) poseerde dikwijls voor foto’s die als basis dienden voor zijn schilderijen. Het liefste gebruikte Avati onprofessionele, gewone mensen als model. Als die modellen zich ongemakkelijk voelden, kwam dat goed uit, want het was vaak die ongemakkelijkheid die Avati wilde uitbeelden.

In 1989 verhuisde hij naar Californië waar hij op zijn oude dag voor zijn plezier landschappen en portretten heeft geschilderd. Op 27 februari 2005 overleed hij daar in zijn woonplaats Petaluma (Californië).

Op 14 oktober 2005 verscheen in HP/De Tijd al een artikel over de tentoonstelling. Pas nu had ik de tijd om er eens rustig naar toe te rijden (de rest van de familie bevindt zich op hetzelfde ogenblik onder het kooppubliek in winkelstad Eindhoven). Na afloop schaf ik me de 192 pagina’s tellende Engelstalige monografie (de eerste!) aan over James Avati: The Paperback Art of James Avati, geschreven door Piet Schreuders. Met meer dan 300 illustraties. Om thuis nog even na te genieten. Morgen en overmorgen een meer inhoudelijk verhaal over zijn werk. Nieuwe broeierigheid.

Een paar voorbeelden van AVATI-boekomslagen:

de DAKAR-FOTO van de dag

January 4th, 2006

De meester kan meer niet rekenen

Posted in: Journaal — admin @ 8:04

Alarmerende berichten in de pers, deze dagen. HELFT EERSTEJAARS PABO REKENT SLECHT, kopt De Volkskrant. Het CITO heeft speciaal voor Pabo-studenten een rekentoets ontwikkeld. Om de aanstormende meesters en juffen te testen, want al een hele tijd zingt het rond dat het met de rekenvaardigheid van de meester en de juf armzalig gesteld is. Op een aantal Pabo-opleidingen wordt de CITO-rekentoets verplicht afgenomen. Wie zakt, wordt weggestuurd. Niet dat degenen die slagen nu meteen als rekenwonderen bestempeld moeten worden, want het niveau dat door de toets wordt nagestreefd is het rekenniveau van de 20% beste rekenaars in groep 8 (de 11- en 12-jarigen, dus). De helft van de huidige studenten blijkt deze norm niet te halen!  

 

  Van de mannelijke studenten haalt 30% deze toets niet. Van de vrouwelijke studenten zakt 60% voor deze toets. Is de Nederlandse juf tegenwoordig standaard blond? Van de studenten die via het MBO instromen in de Pabo-opleiding haalt zelfs 75% deze rekentoets niet. Gelukkig dat van de vwo-geslaagden maar 25% voor deze toets een onvoldoende krijgt. Een schrale troost, overigens. Is het met het rekenen slecht gesteld. Met de taalvaardigheid is het al niet beter gesteld. En dat ligt niet aan de radeloosheid die zich van je meester kan maken door al die nieuwe spellingsvoorschriften. Wat voor het rekenonderwijs geldt, geldt ook voor het taalonderwijs: de pabo-opleiding besteedt er gewoon te weinig tijd aan. Maar misschien zou het probleem ook al in de vooropleiding getackeld moeten zijn. Maar daar geldt mutatis mutandis hetzelfde voor: door het grote aantal vakken worden de basisvaardigheden te weinig geoefend. Het wordt tijd om naast de focus op het ontwikkelen van verschillende competenties het pure kennisonderwijs weer in de schijnwerper te zetten.  

   Puur goed leren rekenen, ook uit het hoofd, en foutloos leren schrijven, het lijkt voor de hand te liggen, maar dat lijkt tevens te simpel geredeneerd. Een geavanceerde rekenmachine en/of de spellingscontrole in het tekstverwerkingsprogramma zullen je niet kunnen redden. Dat de rekenprestaties er niet op vooruitgegaan zijn, erkent ook het Ministerie van OC&W. Het zal er niet beter op worden, als na 1 augustus 2007 de verplichting om wiskunde in een van de vier profielen (havo en vwo) op te nemen gaat vervallen. Na havo-3, c.q. vwo-3 niet meer hoeven te rekenen! Hoe verzint een oud-juf zoiets? Van der Hoeven wordt: Niet meer Hoeven. Bij voorbaat iedereen een pabo-diploma! Knollen voor citroenen. DE DAKAR-FOTO van de dag

January 3rd, 2006

Simenon: Maigret en het lijk aan de kerkdeur

Posted in: Literair, Travels — admin @ 9:10

In deze donkere dagen na Kerstmis alle tijd om weer eens een onvervalste Simenon te lezen. Simenon is wat uit het zicht geraakt : ten onrechte ! Want hij schreef sublieme, op het eerste gezicht echter hele simpele, romans. Misdaadromans, maar niet hard-boiled. Geen Raymond Chandler, dus. Zo nu en dan moet ik er weer een lezen. Een van de honderden die hij geschreven heeft.

Een paar weken geleden nog zat ik, laat in de decembermiddag, met mijn zwager in de Taverne Saint-Pholien. Een groot bruin café met twee kolossale wedstrijdbiljarts, gelegen schuin tegenover de donkere Saint-Pholienkerk, in het Luikse stadsdeel Outremeuse, waar de jonge Georges Simenon heel wat jaren heeft doorgebracht.

In het café hangt boven de zware, houten tafels een dikke walm van sigarettenrook doorsneden met de zoete geur van Rochefort en Chimay, beide niet te versmaden Trappistenbieren. Aan de bar discussiëren een stuk of vijf somber geklede werklozen, die in een niet aflatend tempo hun Jupiler naar binnen hijsen. Het vijftal wordt geflankeerd door twee blonde dellen, die slechts in beweging komen om op appèl bier aan de andere gasten te serveren. Een Duitse herder ligt slaperig onder het biljart. Achterneven van Raymond Ceulemans doen de ballen doet caramboleren op een van de twee grote biljarttafels. Aan de tafel naast ons laat een in glimmend leer gehulde blondine begenadigd met een explosief tietwerk onder haar gespannen witte truitje haar zojuist gekochte zwarte kanten slipjes zien aan haar naar het café meegetroonde moeder. Moeder heeft echter meer oog voor haar bier en de gekroesde Algerijn, die tegen de flikkerende flipperkast staat te hengsten. De wereld van Georges Simenon.

Als we naar buiten stappen is de Saint-Pholien vanwege de oprukkende nacht en de grauwgrijze winternevel zelfs op minder dan 25 meter nauwelijks nog te onderscheiden. Thuis aangekomen begin ik, toegegeven het is maar surrogaat, aan de in 1931 geschreven Le pendu du Saint-Pholien, in het Nederlands vertaald onder de titel: Maigret en het lijk aan de kerkdeur. In Maigret en het lijk aan de kerkdeur romantiseert Simenon het ware verhaal van Joseph Kleine (in de roman Klein geheten), een vriend van de jonge Simenon, die zich in 1922 zou hebben opgehangen aan de kerkdeur van de Saint-Pholien (Outremeuse). Moord of zelfmoord?

In het kort hier de inhoud van MAIGRET EN HET LIJK AAN DE KERKDEUR:In een goedkope hotelkamer in het Duitse Bremen schiet ene Louis Jeunet zich een kogel door de keel. Vanwege zijn wat opvallende, zenuwachtige gedrag is hij maar die hotelkamer gevolgd door Maigret, die hem op het postkantoor een bedrag van 30.000 francs in een bruine envelop heeft zien wikkelen, en vervolgens zien opsturen naar Parijs. Later zal blijken dat hij deze som geld naar zichzelf opstuurt. Bovendien heeft Maigret op het station de koffer van deze Louis verwisseld met de zijne. Beide nemen een kamer in het hotel. Jeunet treft in zijn koffer slechts oude kranten, Maigret een oud kostuum met bloedvlekken. Voor Jeunet blijkbaar reden genoeg om zich van het leven te beroven.Maigret achterhaalt de vrouw van Jeunet en krijgt alles te horen over zijn los-vaste werkzaamheden, zijn drankzucht en hun scheiding, twee jaar eerder. Vervolgens reist hij af naar Reims, waar Louis zijn schoenen gekocht zou hebben. In een café komt hij bankdirecteur Belloir tegen die, als Maigret hem de volgende dag thuis bezoekt, visite heeft van Joseph van Damme, een handige zakenman, die Maigret toevallig ook al heeft ontmoet in Bremen, waar hij Jeunet in het lijkenhuis kwam opzoeken.

Het huis van bankdirecteur Belloir loopt verder op dat ogenblik vol met Sef Lombard, fotograaf te Luik, en Gaston Janin, beeldhouwer in Parijs. Het viertal blijkt vroeger samen in Luik te hebben gestudeerd. Een curieuze ontmoeting, vindt ook Maigret, die even later een telefoontje uit Parijs krijgt dat de 30.000 francs afkomstig zijn van de bank van Belloir.

Daarop nodigt van Damme Maigret uit om met hem per taxi terug te reizen naar Parijs. Tijdens panne onderweg tracht van Damme Maigret te verdrinken in de vanwege hevige regenval sterk gestegen Marne.

Dan meldt zich de broer van Louis en blijkt dat Louis een andere naam heeft aangenomen. Zijne ware naam is Jean Lecocq d’Arneville.

Langzaam wordt duidelijk dat het viertal oude vrienden van Louis (Jean) behoort tot een kliek, die erg benauwd is voor iets wat bijna tien jaar geleden in Luik heeft plaatsgevonden.

Maigret achtervolgt van Damme die uit de archieven van de Luikse pers artikelen van 10 jaar eerder steelt. Maigret is steeds te laat om hem daar op te betrappen. Dan ontdekt de inspecteur de armzalige achtergronden van Louis (Jean), en tevens het bewuste krantenartikel, waarin melding gemaakt wordt van de ophanging van Klein, een van de leden van de Luikse vriendenkliek, die deels bestond uit rijke studenten en deels uit arme artiesten, waaronder Klein. Eén persoon wordt nog steeds gemist: Mortier, die echter steeds vanwege zijn rijke achtergrond en zijn opportunistische houding buiten de groep heeft gestaan. Daags voor Kerstmis is Mortier neergestoken door Klein, met medewerking van de anderen. Vervolgens wordt het lijk in de gestegen Maas gedumpt. Het lijk zal nooit worden gevonden. Louis (Jean) is na de moord bij Klein achtergebleven, die de moord niet kan verwerken en zich twee maanden later verhangt aan de kerkdeur van de Saint-Pholien. Tien jaar lang heeft Louis (Jean) met het bebloede kostuum van Mortier rond gezeuld om de anderen te chanteren. Vandaar o.a. die 30.000 francs van Belloir. Maar ook de anderen hebben veel geld aan hem betaald. Louis (Jean) gebruikt het geld echter niet voor zichzelf, maar verbrandt het gewoon. De moord op Mortier is bijna verjaard, maar Jeunet kan de spanning niet meer verdragen, nu het kostuum van Mortier is verdwenen. In de morsige hotelkamer in Bremen schiet hij zich tenslotte een kogel door de keel.  In dit boek draait alles om het feit dat een misdaad die in Luik was begaan tijdens een bijeenkomst van de vriendenclub ‘Les Compagnons’ op het punt staat te verjaren, want na 10 jaar kan niemand hier voor nog worden vervolgd. Het interessante is dat Simenon dit verhaal acht jaar na de dood van de echte Kleine heeft geschreven, en dat het één jaar later is verschenen. Als er nog mensen in Luik waren wier geweten Simenon in het nauw had willen brengen, zullen zij geen gemakkelijk jaar hebben gehad. In dit boek draait alles om het feit dat een misdaad die in Luik was begaan tijdens een bijeenkomst van de vriendenclub ‘Les Compagnons’ op het punt staat te verjaren, want na 10 jaar kan niemand hier voor nog worden vervolgd. Het interessante is dat Simenon dit verhaal acht jaar na de dood van de echte Kleine heeft geschreven, en dat het één jaar later is verschenen. Als er nog mensen in Luik waren wier geweten Simenon in het nauw had willen brengen, zullen zij geen gemakkelijk jaar hebben gehad.Omdat ik een absolute liefhebber ben van het werk van Georges Simenon: binnenkort meer over hem. Het zijn niet zozeer de ‘Maigrets’ die het niveau van Simenon bepalen, maar meer de ‘psychologische drama’s’ die het karakter van zijn werk bepalen. Nobelprijsniveau.

 In dit boek draait alles om het feit dat een misdaad die in Luik was begaan tijdens een bijeenkomst van de vriendenclub ‘Les Compagnons’ op het punt staat te verjaren, want na 10 jaar kan niemand hier voor nog worden vervolgd. Het interessante is dat Simenon dit verhaal acht jaar na de dood van de echte Kleine heeft geschreven, en dat het één jaar later is verschenen. Als er nog mensen in Luik waren wier geweten Simenon in het nauw had willen brengen, zullen zij geen gemakkelijk jaar hebben gehad.Omdat ik een absolute liefhebber ben van het werk van Georges Simenon: binnenkort meer over hem. Het zijn niet zozeer de ‘Maigrets’ die het niveau van Simenon bepalen, maar meer de ‘psychologische drama’s’ die het karakter van zijn werk bepalen. Nobelprijsniveau.GEORGES SIMENON (1903-1989)

January 2nd, 2006

Skiën in de sneeuw van Dubai

Posted in: Journaal — admin @ 9:23

Een heel ander stukje woestijn: de DAKAR-rallye is er nog niet doorgedrongen en ook Bertolucci is er nog niet neergestreken om een prachtige film op te nemen. Een van de VAR-landen: Dubai. VAR staat voor: Verenigde Arabische Emiraten. Het land van de olieboeren, dus. En van de mafmakende geldverspilling.

Zo’n tien jaar geleden had nog vrijwel niemand ooit van Dubai gehoord. Laat staan dat mensen wisten dat het een ideale zonbestemming is op ruim zes uur vliegen van Nederland. De laatste twee jaar is Dubai volop in het nieuws geweest als nieuwe vakantiebestemming en inmiddels weten redelijk wat mensen dat Dubai een moderne en luxe bestemming is waar alles mogelijk lijkt.

Het totaal aantal internationale toeristen in Dubai vorig jaar was 5.450.000. In 2010 worden er zo’n 15 miljoen verwacht. Inmiddels zijn er in 2005 ongeveer 60.000 Nederlandse toeristen in Bubai gesignaleerd.

Mensen die de laatste jaren in Dubai geweest zijn begrijpen de groeiende belangstelling wel. Luxe hotels met een zeer hoog serviceniveau en perfecte winkelcentra en dat alles tegen voor Europese begrippen goede prijzen zijn enkele belangrijke pijlers voor het toerisme naar Dubai. En 364 dagen zon per jaar! Daar kan geen Costa Brava, Copacabana of een Turks strand tegenop!

Een van de grote attracties is het 7-sterrenhotel Burj Al Arab (zie foto links). Op het 211 meter hoge, bij in het luchtledige hangende ronde helicopterplatform speelden onlangs de toptennissers Agassi en Federer een vriendschappelijke wedstrijd. De foto die er bij hoorde stond afgedrukt in de NRC.

Nederlandse bouwers voeren grote projecten uit in Dubai, zoals de aanleg van een palmeiland (een eiland in de vorm van een palm) midden in zee. Er gaan geruchten dat prins Willem-Alexander het watermanagement van Dubai naar zich toe zal trekken. Nederland is hem nu al te klein geworden. Dijken staan op dit ogenblik hier niet op doorbreken, dus hij heeft er alle tijd voor.

Maar ook voor de wintersport kun je tegenwoordig in Dubai terecht. Hierboven een foto van de nieuwe skipiste in Dubai van de buitenkant af gezien, in de brandende zon.

Op 30 september is de indoor skibaan in Dubai geopend. De skipistes zijn inmiddels geopend. Gegarandeerd dat het grote geld binnenkort het schansspringen in Garmisch-Partenkirchen op Nieuwjaarsdag naar Dubai gaat halen. Zeker nu de gletsjers in Europa smelten, en de sneeuwgrens steeds hoger komt te liggen vanwege het broeikaseffect, lijkt me Dubai een uitstekend alternatief.

Van de andere kant bekeken kun je natuurlijk zeggen: welke decadente gek haalt iets dergelijks in zijn hoofd? Dan weet je van gekkigheid toch niet meer wat je met je geld moet doen. Maar gaat deze redenering ook niet op voor het Limburgse Snow-World waar ook ‘overdekt’ in de sneeuw kan worden afgedaald.

January 1st, 2006

Bertolucci en Bowles onder The Sheltering Sky

Posted in: Literair — admin @ 11:19

Traditiegetrouw kijken we direct na klokslag middernacht, samen met buren en kennissen naar het uiteenspattende vuurwerk. De klimatologische omstandigheden zijn perfect. Midden op straat krijg ik - vanwege mijn op dat moment ingegane status van pensionado - door Gé en Loes een fles Italiaanse merlot ‘La Casada’ aangereikt; André en Christine doen er nog de zojuist verschenen herziene vertaling van ‘Het Boek der Rusteloosheid’ van Fernando Pessoa bij. De vertaling correspondeert volledig met de Portugese editie van ‘Livro do Desassossego’ die ik afgelopen zomer aangeschaft heb op de Feira do Livro in Cascais (Portugal). De nacht was kort, maar ik recupereer snel. De nacht zal voor de deelnemers aan Lisboa - Dakar niet veel langer geweest zijn, dus wat nog te zeuren? Als vervolg op LE DAKAR 2006, het weblog van gisteren, vandaag weer terug naar de woestijn, en de fascinerende invloed die het op de normale reiziger of niet-autochtoon kan hebben. Ik heb het dan niet over die coureurs op hun motor of in hun (vracht)auto die op weg zijn naar Dakar. Waarschijnlijk hebben die weinig oog voor de onmetelijke schoonheid van het woestijnlandschap en de luchten daarboven. Het stuur recht houden , daar gaat het om, en niet proberen je vast te rijden in het zuigende zand. Werk aan de winkel. Dan gaat de wereld gewoon aan je voorbij, woestijn of geen woestijn.

portret van Paul Bowles

zie ook: http://www.PaulBowles.org 

Paul Bowles Voor Paul Bowles (1910) was de Sahara niet onbekend. Hij schreef er ook boeken over, zoals zijn beroemde ‘The Sheltering Sky’. Zelf zegt hij: In mijn boeken is de plaats van handeling altijd belangrijker dan de karakters. Het is de achtergrond die de personen suggereert; de plek bepaalt wat er vervolgens met hen gaat gebeuren." In de boeken van Paul Bowles belanden westerlingen die maar niet in het reine kunnen komen met het leven, op zoek naar zingeving in Noord-Afrika, waar ze in de leegte van de Sahara of anders wel in de smeltkroes van een stad als Tanger, onvermijdelijk hun Waterloo vinden. Zelf zei Bowles eens dat hij de "absurdity of it all, the hopelesness of this whole business of living" als de constante in zijn werk beschouwt. Bowles vertrekt in 1929 van New York naar Parijs. Na de Tweede Wereldoorlog begint hij te schrijven. Zijn huwelijk met de schrijfster Jane Auer (bekend als Jane Bowles) en zijn vertrek naar de Marokkaanse stad Tanger, geven hem extra power om te schrijven. Tanger groeit in de periode na de Tweede Wereldoorlog uit tot favoriet oord van de zogenaamde ‘beat generation’ met exponenten als William S. Burroughs. In 1949 komt Bowles’ eerste roman uit. The Sheltering Sky (in vertaling ‘Het dak van de hemel’) is een van de grote literaire sensaties van die tijd.

Het is het verhaal van de Amerikaan Port Moresby die met zijn vrouw Kit en vriend Tunner door Noord-Afrika trekt. Met name voor Port die lijdt onder een gevoel van leegte van het bestaan, is de reis een - tot mislukken gedoemde - poging tot zingeving aan het leven. Tijdens de lange reizen door hitte en stof die het drietal al dan niet samen onderneemt, wordt Port steeds zieker en overlijdt ten slotte. Het laatste deel van de roman beschrijft hoe Kit belandt bij autochtone bewoners, zich als in een roes overgeeft aan seksuele contacten en uiteindelijk geestelijk ontredderd de ‘beschaving’ geheel de rug toekeert.

Jaren later, in 1990, zal de Italiaanse cineast Bernardo Bertolucci (bekend van ‘Last Tango in Paris’ en ‘The Last Emperor’) er een adembenemend prachtige film van maken, met beelden van de woestijn die je in een roes brengen. De hoofdrollen worden vertolkt door Debra Winger en John Malkovich (ja, hij!), en ook deze twee acteurs leveren een topprestatie. Bertolucci laat Port en Kit Moresby, misschien zelfs tegen beter weten in, hopen in de Afrikaanse woestijn hun vastgelopen huwelijk nieuwe impulsen te kunnen geven. De invloed die het desolate gebied op de gemoedstoestand van Kit heeft lijkt de verwijdering echter alleen maar te vergroten. En dat alles in oogverblindende landschappen, die niet alleen imponeren door hun schoonheid, maar tegelijkertijd verontrusten. Vorm en inhoud lijken in de film van Bertolucci een paradox, maar het maakt de diepgang alleen maar groter. Jammer, dat de film in Nederland niet de erkenning gekregen heeft die hij verdiende. Dat geldt overigens ook voor de roman van Bowles, die al helemaal vergeten lijkt in Nederland. Ten onrechte!

 
  • ON THE ROAD naar Santiago de Compostela

  • Sint Jacobus leidt me door braamstruiken en naar bierloze cafés

  • New York op doek: nieuwe schilderijen

  • SLEEPLESS IN MANHATTAN 20

  • SLEEPLESS IN MANHATTAN 19

  • SLEEPLESS IN MANHATTAN 18

  • SLEEPLESS IN MANHATTAN 17

  • SLEEPLESS IN MANHATTAN 16

  • SLEEPLESS IN MANHATTAN 15

  • SLEEPLESS IN MANHATTAN 14

  • SLEEPLESS IN MANHATTAN 13

  • SLEEPLESS IN MANHATTAN 12

  • SLEEPLESS IN MANHATTAN 11

  • SLEEPLESS IN MANHATTAN 10

  • SLEEPLESS IN MANHATTAN 9

  • SLEEPLESS IN MANHATTAN 8

  • SLEEPLESS IN MANHATTAN 7

  • Christo in Central Park New York

  • SLEEPLESS IN MANHATTAN 6

  • SLEEPLESS IN MANHATTAN 5

  • SLEEPLESS IN MANHATTAN 4

  • SLEEPLESS IN MANHATTAN 3

  • SLEEPLESS IN MANHATTAN 2

  • SLEEPLESS IN MANHATTAN 1

  • Sleepless in Manhattan - intro

  • Andalusië: tapas en manzanilla met Federico Garcia Lorca 18

  • Andalusië: tapas en manzanilla met Federico Garcia Lorca 18

  • Andalusië: tapas en manzanilla met Federico Garcia Lorca 17

  • Andalusië: tapas en manzanilla met Federico Garcia Lorca 16

  • Andalusië: tapas en manzanilla met Federico Garcia Lorca 15

  • Andalusië: tapas en manzanilla met Federico Garcia Lorca 14

  • Andalusië: tapas en manzanilla met Federico Garcia Lorca 13

  • Andalusië: tapas en manzanilla met Federico Garcia Lorca 12

  • Andalusië: tapas en manzanilla met Federico Garcia Lorca 11

  • Andalusië: tapas en manzanilla met Federico Garcia Lorca 10

  • SLEEPLESS IN MANHATTAN

  • Andalusië: tapas en manzanilla met Federico Garcia Lorca 9

  • Andalusië: tapas en manzanilla met Federico Garcia Lorca 8

  • Andalusië: tapas en manzanilla met Federico Garcia Lorca 7

  • Andalusië: tapas en manzanilla met Federico Garcia Lorca 6

  • Andalusië: tapas en manzanilla met Federico Garcia Lorca 5

  • Andalusië: tapas en manzanilla met Federico Garcia Lorca 4

  • Andalusië: tapas en manzanilla met Federico Garcia Lorca 3

  • Andalusië: tapas en manzanilla met Federico Garcia Lorca 2

  • Intermezzo: de Vuelta in Venlo 2

  • Intermezzo: de Vuelta in Venlo 1

  • Andalusië: tapas en manzanilla met Federico García Lorca 1

  • BINNENKORT IN DIT THEATER: ANDALUSIË

  • Hermitage: het zomerpaleis van Nicolaas II aan de Amstel

  • Wajauw? Met Ahmed Marcouch en Hans Laroes naar Brooklyn aan de Maas

  • Luik: van nu en toen, van Calatrava en Les Olivettes

  • Geen Pim Pandoer, wel Beethoven in ’s Heerenberg

  • Spaanse La Notte in het Hollandse Slot Loevestein

  • Van Gogh en de kleuren van de nacht in Amsterdam

  • Opnieuw de ruimte in: A Space Odyssey 2

  • Schilderen: een lange winter met gebrande omber sienna

  • Paradise by the dashboard light

  • Shipbreaking op doek. Met dank aan Edward Burtynsky - Work in Progress

  • Ode Maritima aan Fernando Pessoa

  • Manhattan Transfer - New York City Blues - 16

  • Manhattan Transfer - New York City Blues - 15

  • Manhattan Transfer - New York City Blues - 14

  • Manhattan Transfer - New York City Blues - 13

  • Manhattan Transfer - New York City Blues - 12

  • Manhattan Transfer - New York City Blues - 11

  • Manhattan Transfer - New York City Blues - 10

  • Manhattan Transfer - New York City Blues - 9

  • Manhattan Transfer - New York City Blues - 8

  • Manhattan Transfer - New York City Blues - 7

  • Manhattan Transfer - New York City Blues - 6

  • Manhattan Transfer - New York City Blues - 5

  • Manhattan Transfer - New York City Blues - 4

  • Manhattan Transfer - New York City Blues - 3

  • Manhattan Transfer - New York City Blues - 2

  • Manhattan Transfer - New York City Blues - 1

  • MANHATTAN TRANSFER

  • Corrida aan het einde van de Indian Summer

  • Valencia: Tapas op de Feria van Calatrava 14

  • Valencia: Tapas op de Feria van Calatrava 13

  • Valencia: Tapas op de Feria van Calatrava 12

  • Valencia: Tapas op de Feria van Calatrava 11

  • Valencia: Tapas op de Feria van Calatrava 10

  • Intermezzo: Lucien zingt Lee Towers

  • Valencia: Tapas op de Feria van Calatrava 9

  • Valencia: Tapas op de Feria van Calatrava 8

  • Valencia: Tapas op de Feria van Calatrava 7

  • Valencia: Tapas op de Feria van Calatrava 6

  • Valencia: Tapas op de Feria van Calatrava 5

  • Valencia: Tapas op de Feria van Calatrava 4

  • Valencia: Tapas op de Feria van Calatrava 3

  • Valencia: Tapas op de Feria van Calatrava 2

  • Valencia: tapas op de Feria van Calatrava 1

  • VALENCIA: tapas op de Feria van Calatrava

  • Feria Andaluza in Boom België, of all places

  • Corazón onder de Sheltering Sky van Andalusië 15 / slot

  • Corazón onder de Sheltering Sky van Andalusië 14

  • Corazón onder de Sheltering Sky van Andalusië 13

  • Corazón onder de Sheltering Sky van Andalusië 12

  • Corazón onder de Sheltering Sky van Andalusië 11

  • Corazón onder de Sheltering Sky van Andalusië 10

  • Powered by ME :) !! en MainCore
    Blog (c) WordPress 1.5 Theme created by McMike and Mr-Godd