September 30th, 2005

Briefwisseling Reve - van Oorschot (1951-1987)

Posted in: Literair — admin @ 8:48

Een maand geleden ongeveer verscheen bij uitgeverij van Oorschot een fantastisch uitgegeven dundrukeditie met de briefwisseling tussen de godsvruchtige, homoseksuele ‘volksschrijver’ Gerard Reve en de als nurks en commercieel gewiekst bekend staande uitgever Geert van Oorschot. Het is een genoegen de honderden brieven te lezen. Op de website van de uitgeverij (inmiddels zwaait zoon Geert daar de scepter) is het volgende te lezen:

“Er is nog één geschrift, dat waarlijk een bom in Nederland zoude werpen, en dat is mijn Brieven aan Geert van O. Welk een leed, welk een worsteling! Dat boek verheft zich boven de tijd. Die brieven zijn zo goed als een komplete rekenschap van mijn literaire carriêre. Mijn volk heeft het recht, van de inhoud van die brieven kennis te nemen.?

Aldus Gerard Reve aan Geert van Oorschot op 10 februari 1983. Het boek presenteert - op uitdrukkelijke wens van Reve - de complete briefwisseling die de beroemde schrijver en zijn bevlogen uitgever ruim 35 jaar lang met elkaar voerden. De 714 bewaard gebleven brieven, het merendeel van Reve, zijn aangevuld met uniek fotomateriaal en van gedegen commentaar voorzien door Nop Maas. Zij bieden een onvergetelijke blik achter de schermen van het turbulente leven van de schrijver en de uitgever, die ondanks alles van elkaar bleven houden en hiervan vaak op ontroerende wijze blijk gaven. Zij vormen tevens de best denkbare introductie tot het ?uvre van Reve en tegelijk een autobiografisch dubbelportret van twee mannen, die het aanzien van de Nederlandse literatuur voorgoed hebben veranderd.

De verschijning van dit lijvige boekwerk (ruim 800 bladzijden) zal Reve helaas niet meer bewust hebben meegemaakt. Omstreeks 2003 kreeg de ziekte van Alzheimer hem steeds vaster in haar greep. Liefdevol thuis verzorgd door Joop Schafthuizen zo lang het nog kon, verblijft Reve inmiddels in een Belgisch verzorgingstehuis in de buurt van zijn huis. En hoewel de vergetelheid hem intussen heeft overmeesterd, eet en drinkt hij met smaak en heeft hij het daar naar zijn zin, niet in de laatste plaats dankzij Joop Schafthuizen, die hem daar iedere dag bezoekt.

Inhoudelijk zal ik er misschien nog een log aan wijden. Maar pas als ik het uit heb. Ik ben nu aanbeland op pagina 234. Maar een paar passages uit het boek wil ik de lezers van dit log niet onthouden.

Uit Algeciras schrijft Reve op 12 juli 1963:

“Ik heb een maand lang alleen maar prut gekakt, zeer uitputtend, maar maak nu, eindelijk, door verandering van dieet, gewone bolussen, die ik, tot mijn nek in het water staand, in zee leg, wat goed gaat en een verrukkelijke sensaatsie is, al is het gek dat hij omhoog wil inplaats van vallen, zodat je moet waken tegen het geverfd worden van de rug”.

En een paar weken later, op 3 augustus 1963 uit hetzelfde Algeciras:

“Maak me niet gek met die 150 woorden flaptekst, ik moet even niet van alles tegelijk aanmijn kop hebben, want van dat stomme geforens met mijn lul naar Gibraltar in die hitte ben ik wel gekookt. Hij is weer heel, alle zweren en barsten en etter en stank zijn spoorslags verdwenen. Ik had wel gewild dat het geslachtsziekte was, maar het was, zoals gezegd, slechts een streptokokken-infectie”.

Er is veel leed in het leven van een hard werkende schrijver. Het geluk in verre en warme landen zoeken levert vaak ook al niet het gewenste resultaat. Geert van Oorschot zal er smakelijk om hebben moeten lachen. En ik nu ook.

foto van vanochtend half acht: kleurrijke dagopening

September 27th, 2005

Een Liber Amicorum voor Boudewijn Büch!

Posted in: Literair — admin @ 16:34

Vorig weekend kreeg ik een aardig uitgegeven Liber Amicorum voor Boudewijn Büch in handen. De uitgave dateert van eind 2004. In het boek staan veertien persoonlijke herinneringen aan de in 2002 overleden schrijver en Goethe-gek, eilanden-gek, Stones-gek, verzamelgek en al wat aan maniakaals in een schrijver kan fermenteren. Er staan bijdragen in van o.a. Maarten ‘t Hart, Max Pam en Patrick Buch. Maar de meest opvallende hoofdstukken komen van Bernadette Gallis en Theo van Gogh. 

 Bernadette Gallis leerde Büch in 1974 kennen. Bernadette (ze had al een kind) woonde al samen, maar verliet haar partner om met Büch samen te gaan hokken (kind ging mee) in de ‘hoerenkit’ op de Langegracht in Amsterdam. Volgens Bernadette was zij zijn grote liefde. Die tot 1977 duurde. En ik maar denken dat Büch een doorgewinterde nicht was. De bijdrage van Theo van Gogh kreeg een wel heel bijzondere lading. De dag dat het Liber Amicorum ter perse ging, 2 november 2004, was ook de dag dat Theo van Gogh vermoord werd. Van Gogh eindigt zijn korte impressie met: "Op z’n best was Büch een prins en een begenadigd oplichter tegelijk. De kleine blonde dood zal het boek blijven dat zijn naam tot in lengte van jaren vestigt; om te huilen zo mooi. Ik hoop dat Boudewijn in de hemel zijn zoon tegenkomt." Als die hemel bestaat dan heeft Büch allicht niet alleen zijn ‘zoon’ ontmoet, maar ook Theo van Gogh zelf. Dat moet ongetwijfeld hilarische momenten opleveren. Beide gedreven tot op het bot, maar met verschillende, specifieke obsessies. Het Büchboek is absoluut de moeite waard.

de blogger in gesprek met Boudewijn Büch interview 1993)

September 25th, 2005

San Francisco Blues, deel 10

Posted in: Travels — admin @ 10:06

Vandaag komt er een einde aan de trip naar San Francisco. Sta weer met beide voeten op de zompige Nederlandse bodem. Terug op aarde. Terugvliegend van San Francisco haal je de tijd een stukje in. Vertaal het als de dag die een stuk korter wordt. Zonsondergang en zonsopgang volgen elkaar in snel tempo op, boven de Atlantische Oceaan. Zo is de relativiteit van de tijd weer eens bewezen. Het moet toch mogelijk zijn om over een jaar of honderd met je met een snelheid hoger dan die van het licht te verplaatsen. Pas dan wordt het echt interessant. Dan is de trip in een handomdraai opnieuw te beleven. 

overall view met de skyline van San Francisco

SAN FRANCISCO BLUES, DEEL 10 (SLOT)

Zondagmorgen, en het is nog vroeg. Maar wel mijn laatste uren in San Francisco. De zon is vroeger present dan op andere dagen. Wandeling over Market Street, tot in het paradijs voor de haves, het kapitalistische, superchique koopwalhalla van Nordström. ’s zondags van elf tot zes uur geopend. Acht verdiepingen hoog. De wereld van Benetton, Club Monaco, Enzo Angiolino en Chico’s. Zelfs Warner Bros heeft er een Studio Store. Ik kan mijn driften weer bijna niet bedwingen, maar zie er uiteindelijk van af om voor een paar duizend dollar in te slaan. Voor minder kom je hier niet terecht. De laatste uren tikken weg. Op een rustig en zonnig terras op Market Street. Smalle dilatatiekanalen doorklieven meanderend om de vijf meter het brede trottoir. Je kunt maar beter op alles zijn voorbereid. Dat heeft ook de laatste beving in 1989 wel weer geleerd. Martin bestelt gewoon een bak koffie. En dat is maar beter ook. De eerste blues band posteert zich op de hoek van de straat. Aan de andere kant van de straat balanceren gehelmde Mexicaanse werklieden als geroutineerde koorddansers om wéér een stalen frame van wéér een wolkenkrabber in elkaar te lassen. Staccato slagen op stalen balken. De ritmiek van de stad. In het bushokje tegenover me ligt een matineuze schooier met een kartonnen bordje voor zich: www.buymeabeer.com. Ook het straatvee gaat digitaal. Hoe kan het ook anders in deze stad. Na de flower power de digi-power.

het laatste shot vanuit het restaurant-op-de-top van het Hilton

Het wordt tijd om terug te slenteren naar het hotel. Nu al last van Fernweh. En dat gebeurt me niet vaak. Mirjam en Bernadette staan al te wachten in de lounge. Om kwart over vier zal de KLM Boeing 747-300 naar het oosten vliegen. Weer de Hudsonbaai over. Groenland. De oceaan. De nieuwe dag is al binnen handbereik. Ik maak me dus op voor een wel erg korte nacht. De zon duikt achter je snel omlaag. Terugdenken aan alles wat je nog niet hebt kunnen zien deze week. Mission Dolores, Civic Center, Lombard Street. Of over de stad uitkijken vanaf de heuvels van Twin Peaks.Nauwelijks een paar uur later spat de zon weer uit het blauw aan de neus van de Boeing. Voor je het goed en wel in de gaten hebt sta je aan de bagagebelt aan je koffers te sjorren. Die dit keer wel gearriveerd zijn. Murphy’s rol was immers al uitgespeeld. Schiphol, het is half twaalf. Maandagochtend.Ik sluit mijn ogen. Adem de lucht in. Proustiaanse opwelling. Maar het zijn de zinnen uit On the Road. Jack Kerouac. Voor de laatste keer voorlopig. Het mémoire involontaire overvalt me. En o, die geur van in de pan gebakken chow mein die vanuit de Chinatown opsteeg naar mijn kamer, de strijd aanbindend met de spaghettisauzen van North Beach en de kreeften van Fisherman’s Wharf - wat zeg ik, de aan het spit draaiende steaks van Fillmore! Doe daarbij de chilibonen van Market Street, gloeiend heet, en de patates van de nachtelijke wijnfeesten van de Embarcadero en de gekookte mosselen uit Sausolito aan de overkant van de baai, en je hebt mijn aha-droom van San Francisco. Voeg daarbij mist, hongerig makende rauwe mist, en de sensatie van neonlichten in de zachte nacht, het geklikklak van hooggehakte schoonheden, witte duiven in de etalage van een Chinsese kruidenierswinkel? San Francisco. Het zijn de woorden van Sam Spade, aan het einde van The Maltese Falcon, door de mond van Humphrey Bogart: The stuff that dreams are made of. Ik begin zin te krijgen in chips, baked potatoes, and sliced tomatoes. Maar John’s Grill ligt inmiddels onbereikbaar ver, aan de andere kant van de wereld. Ik geef me over aan de San Francisco Blues.

baywatch: bye, bye, San Francisco Bay

September 24th, 2005

San Francisco Blues, deel 9

Posted in: Travels — admin @ 8:41

Ook Nederland wacht op zijn verwoestende orkaan. Het zal er een van categorie 6 zijn. Hij zal in het hele land voor ongelooflijk veel schade zorgen. En het zal jarenlang kosten om alles te herstellen. Zo herstel al mogelijk mocht zijn. Waar ik het over heb? Over het nieuwe zorgstelsel natuurlijk. Katrina en Rita zullen verbleken tot makke overvliegende postduiven, waarvan de vleugels slechts een kleine beweging teweeg brengen in de lucht. En Balkenende maar balken. Binnen twee jaar is die club natuurlijk weg, en laten ze heel het land tot halshoogte in het badwater achter. Gewoon terug naar Californië dus. Waar het wat het zorgsysteem betreft al niet veel beter gesteld is. Maar de zon schijnt er wat vaker dan hier. Zodat alles er optisch in ieder geval wat beter uitziet. Deel 9. Overigens: het plaatsje Nederland ligt ook in Texas (V.S.); Rita raast er op dit ogenblik in volle hevigheid overheen.

for a few dollars more: glimmende schoenen

SAN FRANCISCO BLUES, DEEL 9

Op de hoek van Ellis Street en Taylor Street, in het armoedige Tenderloin en pal tegenover het Hilton begint de andere wereld. Gele lampen flikkeren al bij de kale ingang van een peepshowtent. Verkleurde pin-ups. Overal zigzagt papier door de straat, plastic bekers en winkelzakken. Het gewone straatvuil. Verdwaalde wind morrelt aan gesloten luifels. Matineuze zwervers legen de halfvolle flessen bier, die in smoezelige portieken of gewoon in een uitpuilende vuilnisbak liggen. Zondagochtend, en de eerste slijterij opent zijn deuren. Een stuk of drie zwarten wankelen naar binnen. Het is acht uur.Ik bleef dus nog een dag. Het was zondag. Er was een grote hittegolf; het was een mooie dag, de zon werd om drie uur rood. Ik ging tegen de berg op en was om vier uur op de top. Al die prachtige popoulieren en eucalyptusbomen in Californië rezen peinzend aan alle zijden op. Nu is er op zondagmorgen alleen het zonovergoten landschap van de ravijnstraten. Watervallen van clair-obscur. Slagschaduwen. 

San Francisco: na New York de dichtstbevolkte stad van de V.S.

De Glide Memorial Methodist Church ligt op de grens van de wereld van de haves en de have nots. Vanuit het hotel stap je er recht naar binnen. Wat me drijft? De katharsis, als een soort religieuze witwasserij na het slempen van de voorbije nacht? Om 9 uur zit de kerk al bomvol, als ik er binnenstap. Een golvende massa van zwarte, gele en blanke mensen, druk converserend. Gezwaai van armen. Polyfoon gerinkel van mobiele telefoons. En daarboven uit het ritmisch repeteren van het orkest dat er al behoorlijk zin in heeft. Even na negenen barst het swingen los, want het multi-etnische koor heeft inmiddels ook het podium beklommen. Eén deinende massa met de handen in de lucht, elkaar vast grijpend. Bijna wordt ik geplet tegen de hoppende borsten van een minstens 125 kilo wegende, gitzwarte negerin. Big tits of Alabama. Dan is het weer mijn rechterbuurman die me omhelst: Hi, I’m Bruce from Dallas! Op de wand achter het koor worden de teksten van de liederen geprojecteerd zodat niemand een alibi heeft om niet mee te hoeven zingen. Dan weer speelt het orkest nostalgische blues, daarbij ondersteund door een paar negersolisten. Een verloren zoon vertelt het verhaal van zijn bekering: homo, dus met de nek door iedereen aangekeken, een carriëre van alles wat God verboden heeft, dus: soft drugs, cocaïne, speed, gevangenis, maar gelukkig kwam de Lord in zijn leven. De Glide-family gaat uit zijn dak.Dan is het de beurt aan de dominee. Een opzwepende peptalk zodat al die stakkers er weer een week tegen kunnen. Religieuze speed waardoor het moreel weer voor een dag of wat wordt opgepompt. En dat heb je wel nodig in deze stad. Praise the Lord! Reverend Cecil Williams wordt schor van het uitschreeuwen van al die opwekkende woorden. Iemand reikt hem een beker water aan: Thanks brother! This is a glass of water. This cannot be turned into wine! Het is hier nog geen Kana. Amen! De fluwelen offerzakken gaan van hand tot hand. Ik werp er een van mijn laatste dollars in. Mijn zonden van de afgelopen dagen zijn me vergeven. Een koopje.

big city blues: uitzicht vanaf het Hilton San Francisco: na New York de dichtstbevolkte stad van de V.S.

September 23rd, 2005

San Francisco Blues, deel 8

Posted in: Travels — admin @ 8:59

Gisteravond naar Maastricht geweest vanwege de 50e verjaardag van een van mijn schoonzussen. Café De Posthoorn in stadsdeel Wijck was gereserveerd voor het bacchanaal. Maar vanwege de gemiddelde leeftijd van de aanwezige familieleden en kennissen had het slempen niet meer het karakter van de muziek die over het gezelschap werd uitgestort. De Rolling Stones en André Hazes klonken daardoor een beetje beschaamd. Maar de sfeer was er niet minder om. Een week lang vertoeft dit weblog in San Francisco, het einde nadert. Maar vandaag nog gewoon deel 8 van de trip. 

SFMOMA: 4600 vierkante meter (vooral Amerikaanse) topkunst

SAN FRANCISCO BLUES, DEEL 8

Tijd voor cultuur. Naar het San Francisco Museum of Modern Art, kortweg SFMOMA genoemd. Want van afkortingen kunnen ze hier niet snel genoeg krijgen. De zon is weer teruggekeerd in de groene frisheid van de Yerba Buena Gardens. De vele broers van John Mayall spelen op elke hoek van de straat hun klagerige blues. De eerste weekend-dronkaards liggen al half bedwelmd tegen elkaar bij de metro-ingangen van de BART. Op de hoek van Market en Eddy Street liggen ze bij tientallen verdoofd in de kuil. De have-nots van de grote stad. Zaterdagmiddagroes. Multicultureel. Zwart, blank, Mexicaans en zelfs Chinees. Geur van alcohol, sigaretten en pis.Het Metreon lokt me naar binnen, een futuristisch high tech en multimedia paradijs. Ongegeneerd spelen met digitale camera’s, notebooks, internet, en dvd-spelers. Grote projectieschermen met de nieuwste videoclips. Bioscopen. Je wordt er in het nauw gedreven door de hidden persuaders van Discovery Channel, Play Station, Microsoft en Sony. Shoppertainment in een futuristische architectuur verpakt. Een reclamespot waar je doorheen kunt lopen. Geen Big Macs of Whoppers te bekennen hier. Dit is de virtuele wereld van de eenentwintigste eeuw. Het digitale paradijs gecodeerd in bits en bytes. Waar alles bliept en bloopt. Veel metaalblauwe materialen, afgewisseld met blank grenenhout dat prettiger aandoet dan het rechttoe rechtaan design in een doorsnee winkelcentrum. Geen geuren van alcohol of pis zoals een half uur eerder. Op een wat onopvallende plek kun je een kopje espresso, of, Amerikaanser, een double decaf latte met non fat milk bestellen bij een klein koffiestalletje. Toch maar even doen. Tenslotte kom je toch in het SFMOMA van de Zwitser Mario Botta. Schuin afgesneden cilinder. Licht en ruimte. Bijna 5000 vierkante meter moderne kunst. Vertrouwde namen stellen je op je gemak: Klee, Miro, Dali, Matisse, Mondriaan. Maar je bent niet voor niks in de States. Dus ook de volle schijnwerper op Rauschenberg en Liechtenstein. Er is een speciale Sol Lewitt expositie. Twee etages gevuld met metershoge, driedimensionale conceptuele kunst. Kleurrijke kaleidoscopie. Incomplete Open Cubes, 1974 en Walldrawings, veel walldrawings. Maar er is ook Jef Koons. Kunst of superkitsch? En de japanner Yasumasa Morimura met zijn drie variaties op de Mona Lisa. Naast de herkenbare Mona is er ook een blote zwangere en een blote opengewerkte, foetusdragende Mona. En alle drie manshoog. 

ook in Chinatown ligt de kunst op straat: chinese murals

Weer terug in de niet virtuele wereld koop ik in de Virgin Megastore de Passio van Arvo Pärt uitgevoerd door het Hilliard Ensemble. De zaterdagmiddag loopt ten einde. Via het Moscone Convention Center, Mission Street, Union Square, en de Powell Street Cable Car Turnable terug naar de hoteltorens in de O’Farrell Street.Het is nog vroeg in de avond als de ober ons, Martin is er ook bij, een tafel aanwijst in Jax Steak House, 171 O’Farrell Street. Niks Amerikaans, gewoon een exquise Italiaanse keuken, featuring the finest certified Angus Beef served anywhere in the world ? at very reasonable prices! Voor 35 dollar eet je calamares vooraf en gegrilde zalmschotel als hoofdgerecht. Het bier wordt er in kogelvrije glazen geserveerd. Gepantserde kelkachtige vissenkommen. Megabier. Budweiser, dit keer.Ik keek Market Street af. Ik wist niet of het die straat was of Canal Street in New Orleans: ze leidde naar het water, dubbelzinnig, alomtegenwoordig water. De avondlucht voert koude waterlucht aan vanaf de Bay. Het is inmiddels het strakke patroon geworden: ’s ochtends de opalen, kille mist in de straten, ’s middags de weldadige warmte van een stralende zon, ’s avonds de gejaagde koude wind vanuit de oceaan. Hoewel de avond nog niet erg ver gevorderd is na het verlaten van Jax Steak House zijn de meeste blues-cafés al sold out. Zaterdagavond, we hadden het kunnen weten. Een Irish Pub brengt redding, en ook daar is muziek. Alleen geen blues. Sinead O’Connor, The Cranberries en U2. Op tv flitsen de scores en beelden van diverse baseball wedstrijden over het scherm. En tussendoor wordt er gegeten. Plate service. Grote schotels met gebakken aardappelen en schapenvlees. Zwarte glazen Guiness schuiven over de eikenhouten tafels, stoten elkaar aan. Natte, glinsterende bierplassen. Verhitte discussies. Weer de kille buitenlucht in. De wind rukt en ragt. Flarden stoom vervluchtigen in de ijzige ravijnstraten. Een verlate bluesband speelt in een beschut portiek. Politiesirenes ergens achter het volgende huizenblok. Totdat er een nieuwe kroeg opdoemt, de Iron Pot. Knappe, decadent, Casanova-achtige mannen, van die blondjes met hun gezwollen ogen die in motels rondhangen, misdadigers, pooiers, hoeren, masseurs, piccolo’s - een triefeltroep en hoe kun je in godsnaam met zo’n bende nog aan de kost komen? Ik denk dat langzaamaan het bier zijn nefaste werk is gaan doen. Als een onhoorbare sluipmoordenaar. Misschien is Martin toch verstandiger geweest door terug te gaan naar het hotel. De stemmen beginnen door elkaar te lopen als betraande mascara. Woorden vervormen tot ondefinieerbare losse syllaben. Het gezelschap waarin ik verzeild geraakt ben doet zijn best om de discussie gaande te houden. Ik vergaf iedereen, ik gaf het op, ik werd dronken. Ik begon tegen het jonge vrouwtje van de dokter over rozegeur en maneschijn te praten. Ik dronk zoveel dat ik om de twee minuten naar het toilet moest, en om dat te doen moest ik zowat over dr. Boncoeurs schoot kruipen. Alles was naar de knoppen. Mijn verblijf in San Francisco was wel over. Steeds weer zijn het die flarden tekst van Kerouac die als meteorieten inslaan in mijn geheugen. Toch nog enige helderheid in mijn hoofd, hoewel alles al zwaar begint aan te voelen. Laatste avond. Laatste nacht. Morgen de terugreis.

Chinatown: Son, observe the time and fly from evil

September 22nd, 2005

San Francisco Blues, deel 7

Posted in: Travels — admin @ 14:12

Nog steeds blijft de zomer in alle hevigheid woeden, ook al zijn de nachten behoorlijk koud en hangt er ’s ochtends een tapijt van dikke mist boven weilanden en velden. Maar het is nog altijd beter dan een orkaan van categorie vijf over je heen te voelen raggen. Razende Rita, de zoveelste in de rij die de Verenigde Staten omver blaast. Nee, dan is het een heel stuk aangenamer aan de westkust. In San Francisco, om precies te zijn. Vandaag deel 7.

Al Capone voert zijn duiven in de schaduw van Alcatraz, hoe verzin je het?

SAN FRANCISCO BLUES, DEEL 7

Zaterdag alweer. De tijd glijdt onverbiddelijk onder me door. Glipt me door de vingers. De dag begint op de gebruikelijk manier: kille mist hangt nog in de straten. Een haastig ontbijt. Spreek af met Martin aan het einde van de dag.

Ik moet nog naar Fisherman’s Wharf. Loop naar de draaischijf van de Cable Car, vlak bij Market Street. Het is er gelukkig nog niet druk. Een full fare receipt. One ride only. Twee dollar. Voor de terugreis een nieuw kaartje kopen, dus. Geen zitplaats in deze negentiende eeuwse museumtram. Van de 600 trams die tot aan de aardbeving van 1906 reden worden er tegenwoordig nog slechts een beperkt aantal op de nog drie overgebleven lijnen ingezet. De gripman zet zijn voertuig van de San Francisco Municipal Railway van Powell & Hyde Sts. in beweging. Geknars over de rails, gekraak van hout. Rechte lijnen. Van Powell Street een korte bocht naar Jackson Street. Nob Hill en Chinatown aan je rechterhand. Vervolgens in suizende vaart naar beneden. Alsof je in de achtbaan zit. De conducteur slingert zijn scabreuze teksten de overvolle wagon in. One-liners van de beste soort. You can’t have the real stuff for two dollars with your clothes off, lady! En het gaat verder naar beneden: Hyde Street, richting The Cannery. Rustig slenteren tot aan pier 39 en de Embarcadero.

De eerste verzilverde en vergulde mime-artiesten staan hun matineuze dollars binnen te halen. Op houten vlotten liggen de logge bruinzwarte zeeleeuwen geeuwend van het begin van hun weekend te genieten. Soms onderbroken door een plompe duik in het ijskoude water. Inmiddels beginnen de toeristen aardig toe te stromen. Pier 39 is er helemaal klaar voor. Het ene fast food restaurant werpt zich met nog obscenere reclameteksten voor je voeten dan het andere. Amusementshallen, souvenirwinkels, wisselkantoren, maar altijd weer moet er bij gegeten kunnen worden. Een viertal volgevreten latino’s zit op een muurtje de eerste hamburger van de dag naar binnen te werken. Een paar jonge Zuidkoreaanse meisjes beperken zich tot een flesje Coca Cola. Dan toch maar liever de zeeleeuwen. Harassment of sea lions is a violation of the marine mammal protection act. No docking. De meeste bruinhouten vlotten liggen nat en leeg mee te deinen op het water. Het is nog koud, deze ochtend. De mist wil nog van geen wijken weten. Alcatraz is nauwelijks te onderscheiden in de verte.

Pier 39: om het snijvlak van Jefferson Street en The Embarcadero

Terug naar Chinatown. Opnieuw per Cable Car. Blijkbaar hebben ook de Chinese inwoners van San Francisco een vrije dag, want er wordt massaal ingekocht. Tussen iedereen en alles door laveert een onder bloemen bedolven lijkwagen. Straten worden opengebroken en weer geasfalteerd. De murals beginnen veelkleurig op te doemen uit de langzaam wegtrekkende grijze mist. In een van de vele bric à brac zaken koop ik een paar Chinese penselen en een zogenaamde inktsteen. In een opzichtige gift shop vervolgens een zwartgelakt, en met gouden karakters beschilderd juwelenkistje.

Tijd voor een eenvoudige middaglunch. Een wat smoezelig restaurant in Sacramento Street. Zwijgzame chinezen zitten tegenover elkaar aan vettige formica tafels. De gegroefde gezichten geven aan dat ook hier het tot zich nemen van voedsel als een hoogst serieuze zaak beschouwd moet worden. In het midden van het minuscule restaurant staat een soort huisaltaar met weer zo’n dikbuikige boeddha. De kringelende rook van de wierookstokjes verdwijnt in het niets boven zijn kale kop. In het raam rook ik alle etensluchtjes van San Francisco. Er waren daar visrestaurants waar de broodjes nog warm waren en ook de mandjes goed genoeg waren om op te eten.Met een gevulde maag is het wat aangenamer slenteren door de Chinatown Alleys die bij daglicht je wat minder op je hoede doen zijn. Waverley Place, de street of the painted balconies. Kruidenwinkels met zakken veelkleurige ingrediënten. Wasserijen. Geweitakken van inheemse herten tegen de gevels en in de winkels. Gedroogde zeepaardjes. Stokvis. Slangenwijn. En - niet weg te denken - tientallen goedkope eethuizen. Ik tintelde van top tot teen. Het leek wel of ik een menigte herinneringen bezat die alle teruggingen naar het Engeland van 1750 en dat ik nu in San Francisco was in een ander leven in een ander lichaam. Engeland zegt me niks, maar het zijn ook de woorden van Kerouac. Zei het papiertje in de fortune cookie niet dat ik een practical person was, with my feet on the ground? Geen rare gedachten dus.

Terug naar Stockton Street en Grant Avenue. De Kong Chow Temple. De Bank of Canton. Kleuren, kleuren. Rood, geel, goud, blauw. Witte duiven op de gevels boven de winkels. Alsof het leven een feest is. Stad in een stad. Maar mijn inkopen beginnen me zwaar te wegen. Hoog tijd om ze af te leveren in het Hilton.

hangjongeren bij Fisherman’s: van Steinbeck tot Cannery Row

 

September 21st, 2005

San Francisco Blues, deel 6

Posted in: Travels — admin @ 16:41

Terwijl de Indian Summer in alle hevigheid woedt, vliegen Wouter Bos en Maxime Verhagen elkaar in de haren. De politieke circusacts zijn ook na Fortuyn nog niet voorbij. Ieder doet zijn kunstje. En we klappen erbij al naargelang we iets met die Haagse clowns hebben. En te vaak zit je je plaatsvervangend te schamen als ze hun doorzichtige trucks te opzichtig niet weten te verbergen. Dan liever de oceaan over, en de laatste walvis onder de Golden Gate Bridge door zien zwemmen. Deel 6; we gaan gewoon door.

If you’re going to San Francisco; be sure to wear some flowers in your hair

SAN FRANCISCO BLUES, DEEL 6

De zon breekt al vroeg met succes door de ijle ochtendnevels. In mijn hoofd gonzen de geluiden van de voorbije nacht nog na. Kan ook het bier zijn, nagisting. Fairmont staat op het programma. Een kudde witgekapte nonnen staat te wachten op de bus. Veel latino’s in dit heuvelachtige stadsdeel. Niet de meest welvarende plekken van de stad, maar zeker niet naargeestig.

Pas tegen het middaguur slaat de trom wat minder in mijn hoofd. Een City Tour dan maar. Bruce, de chauffeur schept er een waar genoegen in van de ene steilte naar de andere diepte te scheuren. Kris kras door het Golden Gate Park, Presidio met zo nu en dan een adembenemend uitzicht op de glanzende Pacific. Elektriciteitsdraden golven omlaag tot aan de baai. Groene rust, fonteinen, geparkeerde brede auto’s. Stop bij het Exploratorium en het Palace of Fine Arts, met zijn waterpartijen en lentebloemen. The remaining structures left from the Pan Pacific Fair. Now a learning environment for the young and old. Aards paradijs voor de wizz kids van San Francisco.

Afscheid van Chris en Janet die weer terugvliegen naar Los Angeles. Een weerzien wordt afgesproken. If you’re going to San Francisco; be sure to wear some flowers in your hair. Scott McKenzie. Sfeer van de zestiger jaren. Vrijende partjes op het gazon. Bezwete joggers. Niks doet je hier nog denken aan Sam Spade of het zuipen in de dolgedraaide auto’s van On the Road. De Golden Gate Bridge baadt in het zonlicht van deze middag. Nog steeds sporen van de kater achter in mijn hoofd. Wandeling over de aanlegsteigers van de St Francis Yacht Club aan de luxueuze jachthaven van Marina Green. En vervolgens over het rulle zand langs de baai. Als een Don Corleone voer ik de omlaag duikende meeuwen. De graankorrels worden me aangereikt door de deftige armoe van een dametje dat hier waarschijnlijk dagelijks rondhangt. Plotselinge kreten van andere, spaarzame strandwandelaars maken duidelijk dat een verdwaalde walvis onder de roodkleurige hangbrug is door komen zwemmen. Elk kwartier spuit hij zijn bruisende fontein de lucht in. Bootjes snellen toe om hem verder de baai in te drijven, maar het dier laat zich niet de wil opleggen, en verdwijnt tenslotte weer onder de brug door, richting oceaan.

 

 

wetlands tussen Sausolito en Tiburon

Terug de stad in: Pacific Heights, the Cannery, de Transamerica Pyramid, Chinatown. En even opfrissen bij Robert G. Scypinski om vervolgens aan te schuiven in Murray’s, Sutter Street. Sushi, calamares en geroosterde garnalen vooraf. Dan het zwaardere werk: een geroosterde biefstuk als een granieten kassei uit de Hel van het Noorden, maar dan een stuk malser. Het dessert ligt in de lijn der verwachtingen: de chocolate macadamia valt een blok beton boven op het voorafgaande, dat bewegingloos en geplet de komende uren op mijn maag zal drukken. Met een ruimschoots verhoogd soortelijk gewicht bereik ik tenslotte O’Farrell Street. Weer die kilte in de straten. Vanavond geen blues cafés meer, ook al is de verleiding groot een van de vele bars die ik passeer, binnen te stappen. Gewoon een Hilton douche.

September 20th, 2005

San Francisco Blues, deel 5

Posted in: Travels — admin @ 17:34

Prinsjesdag. Je schaamt je toch dood als koningin om alle bekende stuff die de laatste maanden in de krant heeft gestaan nog eens een keer op te lepelen. Doodsaai. Als je echt wat nieuws wilt vertellen klap dan uit de Oranjeschool. En vertel over overrompelende overspeligheden in de familie, schaamteloze jachtpartijen en verjaardagsvisites waar de ene na de andere parvenu voor het bordes gereden wordt. Talpa in de Ridderzaal. En vertel het in de stijl van Privé of Story. Zinnen niet langer dan acht woorden. Brood en Spelen. Geef het volk wat het verdient. Verzet de zinnen. Het wordt echt niet beter op het volgend jaar. We reizen af naar San Francisco.

Fisherman’s Wharf, Pier 39: leven als een zeeleeuw in the bay

SAN FRANCISCO BLUES, DEEL 5

Het was louter de eenzaamheid van San Francisco en het feit dat ik een pistool bezat. Ik liep langs een juwelierswinkel en voelde plotseling de impuls in me opkomen om de etalageruit kapot te schieten, de mooiste ringen en armbanden weg te nemen en hard naar Lee Ann te lopen om ze haar te geven. Dan konden we samen naar Nevada vluchten. De tijd brak aan dat ik nodig uit San Francisco weg moest of ik werd gek. Kerouac weer. On the Road. Maar hij heeft gelijk. Misschien is het goed even weg te vluchten uit deze metropolis. Overdag de hitte. ’s Nachts de nog bijna winterse kilte. Waar bleef die hitte van overdag dan? Die kon toch niet zomaar in het niets verdwenen zijn?De nieuwe dag voert naar de Napa Valley, het hart en de ziel tegelijk van de Californische wijn. Bijna 300 wijnboeren verdienen vette dollars in al die goed onderhouden vineyards. Soms laten ze zelfs Franse eikenhouten wijnvaten aanvoeren van over de oceaan. Couleur locale van overzee. Uit het oude Europa. De vallei ligt rustig te zonnen tussen de twee heuvelruggen die aan niets voor Bourgondische of Toscaanse voorouders onderdoen. Tientallen kilometers bacchiaans genieten. De groene lenteheuvels maken zich nog breder dan ze al zijn om maar geen straal van de brandende lentezon te hoeven missen. Kale, roestkleurige wijnstokken tot aan de horizon, strak in het gelid. Tijd voor de lunch. Met een paar reisgenoten strijk ik neer op het lommerrijk terras van Compadres, het zoveelste Mexicaanse restaurant. De kaart van de Mexican Bar & Grill biedt een keur aan ‘grande omelettes’ zien. Toppunt van de huevos is de Dos Ricardos : A Compadre’s original! Carnitas, woodroast chicken or Carne Asada over frijoles on a large flour tortilla and topped with three fresh eggs. Monterey jack and tomatillo sauce, crisped under the broiler. Garnished with guacamole, sour cream and salsa fresca. Tien en een halve dollar slechts. Maar dat is voor het ontbijt. Het middaguur vraagt op dit ogenblik, getuige de menukaart, om nog steviger voeding. Eiken en palmen in de weelderige tuin. Heet is het inmiddels geworden. Tijd voor een gekoeld blik Mexicaans bier, Tecate dit keer. Vervolgens komt de zwartbesnorde ober met een vetgemeste loempia aanzetten, garritas burrito, een complete maaltijd. Uitpuilend van het draadjesvlees, zwarte bonen, rijst en vlammende kruiden. Reden genoeg om een tweede Tecate te laten aanrukken. Eigenlijk het juiste ogenblik voor een volwaardige siësta. Maar die tijd wordt me niet gegund. Calistoga, St Helena, Oakville , Yountville en Napa, in de zon sudderende dorpen schuiven voorbij. En ook de gevulde vaten van Sullivan Vineyards, Niebaum Coppola, de Silverado High Cellars en Freemark Abbey. Toch maar stoppen bij Beringer, established 1876. De lokroep van de wijn is te sterk. De wijn-Calypso trekt me in haar grot. En na afloop liggen bakken op je rug in de zon, nog rozig van de Chenin Blanc. Heet is het inmiddels geworden, halverwege de namiddag. Wolkenloze hemel. Het belooft een zware dag te worden. 

Napa Valley: zongestoofde druiven voor de Californische wijnen

En hij reed de Oakland Bay Bridge op en die leidde ons naar de stad. De kantoorgebouwen in de stad glinsterden van het licht; het deed je aan Sam Spade denken. Toen we in O’Farrell Street uit de wagen strompelden en snoven en ons uitrekten, was het net of we na een lange zeereis weer aan wal stonden; de aflopende straat tolde onder onze voeten; luchtjes van schotels uit de Chinese wijk van San Francisco zweefden in de lucht. Jack Kerouac weer. Onbedoeld, maar de tekst dringt zich onweerstaanbaar aan me op.Van het hotel loop je in tien minuten naar het hart van Chinatown. Het ruitpatroon van de straten maakt het extra gemakkelijk. Van O’Farrell 90 graden naar het noorden Mason Street afwandelen, vervolgens op het snijpunt met Bush Street 90 graden oostwaarts tot aan het snijpunt met Grand Avenue. De avond begint al te vallen als ik met Martin onder de Dragons Gate, de Chinatown Gateway, doorloop. De driebogige poort met zijn groengeglazuurde dakpannen is een soort remake van de traditionele toegangspoorten die tot op heden toegang geven tot de Chinese dorpen in het grote vaderland. Lange schaduwen over het sterk hellende wegdek. De rode achterlichten van de rustig af en aan rijdende auto’s geven het geheel een licht feeëriek aanzien. Achter de veelkleurige winkelpuien en restaurantsgevels liggen de guilded ghettos, een universum van smerige werkplaatsen en overvolle woonkazernes. De woorden tegen de gevel van Old Mary’s Church moeten een waarschuwing zijn: Son, Observe The Time and Fly From Evil. Kakofonie van neonreclames en helverlichte winkelpuien. Haastige inkopen na een vermoeiende dagtaak. De winkels zullen nog uren open zijn. Golden Dragon. Jade Galore Jewelry. Tung Kee Restaurant. Ching Ching & Co. Far East Trade Center. Dikbuikige gouden boeddha’s lachen je toe van achter het glas van de etalages. Mijn maag meldt zich.Het Chinatown Restaurant dan maar, in the heart of Chinatown, 744 Washington Street. Snuisterijen, Kantonese bric à brac tegen de veelkleurige wanden, serviele bediening. Ondefinieerbare glimlach. Gedempte stemmen, eten alsof je je er voor schaamt. Maar de Wontonsoep voor $ 5,75 smaakt er niet minder om. Evenmin als de voor $ 9,50 aangeboden maritieme Szechuan Scallops. Uiteraard weggespoeld met Chinees bier, Shingtao. En groene thee. Mijn fortune cookie aan het einde van de maaltijd tracht me op mijn gemak te stellen: You are a practical person with your feet on the ground. Als we buiten komen zijn de murals her en der aangebracht tegen de grauwe gevels, inmiddels opgeslokt door het donker van de nacht. Chinese fresco’s. In een van de vele gift shops koop ik wat goedkope t-shirts voor mijn zonen in het vaderland. De in blauwe en rode Mao-pakken gestoken verkopers buigen als knipmessen. Het wordt opeens wat minder feestelijk allemaal, ondanks de vele gele en rode lantaarns die hun glimmend licht over het nachtnatte asfalt werpen. Onbestemde groepjes stadsvee, junks en andere daklozen grabbelen wat in vuilnisbakken of liggen grauw en traag in de portieken tussen bevuilde reclamefolders en stukgetrapte kartonnen dozen. Het grootstedelijk afval maakt zich op om de nacht te trotseren. Het wordt langzaam tijd om een plek te vinden in een van de vele blues-cafés die rijkelijk zijn uitgestrooid over de stad. Ik trek mijn jas wat vaster dicht. Creditcards in de binnenzak. The yellow cab brengt me naar North Beach, nog steeds Grant Avenue weliswaar, tot aan de voordeur van The Saloon, een van de meest bekende blues-cafés van de stad. Het loopt inmiddels tegen middernacht. Het geluid van een rauwe stem ondersteund door een jankende gitaar rolt over het trottoir. Naar binnen dus maar. Bezwete lijven, de stemming zit er behoorlijk is. Het duurt even, maar mijn Kilkenny krijg ik. En als ik eenmaal op de barkruk beland ben volgen er meer. I got the blues for my baby, down beside San Francisco Bay, Big ocean liner, took her so far away. De blik wordt allengs waziger. Gelukkig heb ik the yellow cab al gereserveerd. 

Chinatown: van Guilded Ghetto tot het Quartier Latin van San Francisco

September 19th, 2005

San Francisco Blues, deel 4

Posted in: Travels — admin @ 16:08

De Duitse verkiezingen zijn voorbij. Mijn bewering dat Gerhard Schröder zou winnen is niet uitgekomen (kwam 0,9% tekort), maar toch… Nog niet gezegd is dat Schr? niet de nieuwe bondskanselier zal worden. Beschadigd zijn ze in elk geval beiden, Schröder en Merkel. Nederlandse toestanden in Duitsland.

Maar kom, aan de overkant van de Oceaan is het soms allemaal anders. Alleen politici zijn allemaal hetzelfde. Terug naar San Francisco dus maar weer, de meest Europese stad van de Verenigde Staten. Dirty Harry en Sam Spade zitten op je te wachten. Deel 4, dus.

Golden Gate Bridge: op weg naar Sausolito

SAN FRANCISCO BLUES, DEEL 4

Ontbijten in de lobby van het Hilton met een croissant en een plastic vat koffie. Te laat uit bed. En het is dus haasten om op tijd te zijn voor de bus naar Oakland. De zon is nog niet helemaal doorgebroken, maar dat gebeurt hier dan ook meestal pas tegen het middaguur.

In de verte doemt uit de ochtendnevels de rode Golden Gate Bridge, sierlijk als buigzame ijzeren serpentines. Rijden over de Golden Gate Bridge Freeway, op de grens tussen de Grote Oceaan en de San Francisco Bay. Links de Seal Rock Beaches. Aan de overzijde Sausolito. Een enkele keer doorklieft een zonnestraal het grijze wolkendek, spat uiteen op het water, aait over het verlaten Alcatraz, ooit een van de meest gevreesde gevangeniseilanden ter wereld.

Een stop zowel aan deze als aan gene zijde van de tussen 1933 en 1937 gebouwde brug, waarvan de pijlers tot 30 meter diep de zeebodem werden ingedreven. Meer dan tweehonderd meter rijzen de twee stalen torens hoog op uit de zee. Zes rijstroken voeren de nooit verzakende autostromen naar deze en gene zijde. Over bijna drie kilometer lang hangend beton boven het oppervlak van grijs glinsterend water, 65 meter lager. Bijna 100 meter diep het water eronder. Cijfers. We zijn niet voor niks in Amerika.Kijken naar het in de verte gelegen Alcatraz, the Rock, met als meest in het oogspringende herkenningspunt de watertoren. Nu zijn het alleen nog maar de .toeristen die de niet met buitenmuren of dak in verbinding staande grauwe cellenblokken bezoeken. Geen spoor meer van ‘Scarface’ Capone, van de Birdman of Alcatraz, Robert Strout, of de door Carnes, Thompson en Shockley aangevoerde meute desperado?s die aan het regiem van het eiland wilde ontsnappen. Of van de meer gelukkigen als John en Clarence Anglin die het wel lukte om weg te komen van deze gruwelrots. Escape from Alcatraz (1979), ik moet de film nog eens terugzien.

Chinatown, van Guilded Ghetto naar Fortune Cookie Factory

Nog even de tijd om wat te lezen. Kerouac maar weer. Het was nu een oud, oud schip maar was eens prachtig ingericht met krulwerk in het hout en ingebouwde scheepskisten. Dit was het spook van het San Francisco van Jack London. Ik zat aan de door de zon beschenen tafel in het officiersverblijf te dromen. Sluikharige Janet wijst me op de zon die nu toch echt op doorbreken staat. Golvend groen land. Rechts de wetlands.

Maar eerst wacht de plicht. Oaklands Technical High met zijn detectiepoortjes in de mediatheek, de directeur die zijn personeel en leerlingen opzweept met zijn herhaalde, bezwerende uitroep: "Raise the bar!" Veel leerlingen afro-asiatisch en velen te dik, veel te dik. Na een snelle Burgerking naar Alameda, the School of the Future, het paradijs voor ict-gestuurd project gericht onderwijs, het traditionele jaarlagensysteem doorbroken.Een stralende zon sprenkelt zijn lentewarmte over het water van de haven van Oakland. Pompeuze houten zeilschepen klieven het gladde water. In de straattegels volgt Jack London nog steeds de wolvensporen die hier verspreid over de brede trottoirs tijdloos in beton en in brons lijken gedrukt. Brengen je naar de superbe boekhandel van Barnes & Noble. De in 1876 in San Francisco geboren auteur drukt meer dan wie ook zijn stempel op deze aseptische stad. The call of the wild en A daughter of the snows. Steeds weer op zoek naar mens en dier in barre, noordelijke en ontoegankelijke polaire streken. Echte mannenboeken van deze ex-fabrieksarbeider, ex-landloper en ex-goudzoeker in Klondike. Maar wat verwacht je anders van het leven als je geboren bent als onwettig kind en opgroeit als toegevoegd kind van ene John London, weduwnaar met 11 kinderen? Hoe een dubbeltje toch ooit een kwartje wordt.

Over de brede Embarcadero sist en gromt nu de dubbeldeks Amtrak. Majestueus, alsof het wilde westen nog veroverd moet worden. Tijd om neer te strijken op een Mexicaans terras aan de haven, El Torito, Jack London Square, uiteraard. De koele Corona?s uit het met zout gerande glas, waarin een halve maan citroen het bier verzuurt, smaken minstens zo goed als een Heineken of Grolsch. De namiddag zandlopert naar het einde, de zon heeft zijn branduren blijkbaar verbruikt. De kille avond golft nu snel aan over het al voor de nacht getemde water van de haven. Voordat de Bay Bridge wordt overgestoken serveert een maritieme Italiaan echter nog zijn aangepaste culinaire gerechten in zijn luxe bootrestaurant.

Dan terug naar de stad aan de overzijde, waarvan de wolkenkrabbers inmiddels een science fiction uitstraling hebben gekregen. De terugreis oogt als een interstellaire reis naar een ruimteplatform uit Star Wars, of uit 2001, A Space Odyssey van Stanley Kubrick. Uit het asfalt wellen weer de flarden stoom, vervliegen in de kou. Taxi Driver. Joelende sirenes van de SFPD door de holle straten. Blauwe en rode lichtguirlandes als lasers afgevuurd vanaf de politiewagens fladderen als desperate vleermuizen over de gevels, weerkaatsen in de ruiten. De wereld van Martin Scorsese.

Oakland: over de Bay Bridge naar de wereld van Jack London

September 18th, 2005

San Francisco Blues, deel 3

Posted in: Travels — admin @ 7:51

Vanmorgen straalt de zon al vroeg, na een koude nacht. Omdat de voormalige Vrije Akademie ruimte vanwege kermis vandaag gesloten is, sta ik daar om 9 uur voor een gesloten deur. Alle ruimte dus voor de rest van de dag. Bijvoorbeeld om deel 3 van de San Francisco Story op het web te zetten. Ondertussen staan de Duitsers en Afghanen urenlang in een rij voor de stembus. Terwijl wij lekker in de zon van misschien wel de laatste zomerse zondagmiddag van het jaar op het terras kunnen blijven zitten.

nieuwe aanwinst van het San Francisco Police Department

SAN FRANCISCO BLUES, DEEL 3

Twee eeuwen wereldgeschiedenis bevolken de door liniaal en tekentafel uitgemeten schaakbordstraten van San Francisco, te danken aan de aardbeving van 18 april 1906. In het Mission District laveer je tussen de taquerias en de mercados van de door de kolonisten en goudzoekers verdreven nakomelingen van de oude Mexicaanse bevolking. Daarna ontvluchtten tienduizenden Chinezen de chaos in hun land om onder te duiken in de Californische mijnen. Aan het eind van de negentiende eeuw trokken duizenden Ieren de Bay Area rondom San Francisco binnen, op zoek naar werk. Italiaanse vissers legden hun netten te drogen op Fisherman’s Wharf. Nu leiden hun cafés en eethuizen een bloeiend bestaan. En de laatste jaren zijn daar de Vietnamezen, de Zuidkoreanen en andere Aziaten die via de digitale snelweg zijn beland in Silicon Valley. Je begint je langzaam een Sam Spade te voelen in deze zoemende metropool. Zeker wanneer de koude avond neervalt over de stad. Torenhoog steken de verlichte betonnen kerstbomen hun kruinen naar de kobaltblauwe hemel. Uit het asfalt dampen al de slierten stoom, lossen op in de winderige kilte. Het is immers nog april. Daar waar Bush Street over Stockton Street liep alvorens af te dalen naar Chinatown, betaalde Spade de taxi en stapte uit. Er hing een dunne, klamme en doordringende mist in de straat. De honger knaagt en een paar blokken verder ligt John’s Grill, 63 Ellis Street. Donkerbruin hout ademt de sfeer van The Maltese Falcon. Dashiell Hammett eet mee vanavond. In schuif bij aan de ronde, donkereiken tafel. Naast me de Zuidkoreaanse Janet. The room was silent and dark, a scene from another generation: of G-men, and cops, and dashing ladies with cigarettes hanging from their mouths. It was depressing. Zo erg is het gelukkig niet, vanavond. De donkere ruimte zit vol etende en pratende gasten, voor een deel mijn medereisgenoten. En toch is het alsof daar in de hoek, op een nog duisterder plek dan jezelf zit, Humphrey Bogart aan het smoezen is met Lauren Bacall, die ik vanaf mijn plek alleen maar op de rug kan zien. Heb in ieder geval niet de paranoïde haast van Sam Spade.

Those loonies, they ought to throw a net over the whole bunch of them

Hij ging naar John’s Grill, vroeg de ober of hij snel iets te eten kon krijgen, at vlug en rookte een sigaret bij zijn koffie, toen een gedrongen, jonge man met een geruite pet scheef op zijn hoofd en een ruw, vrolijk gezicht de Grill binnenkwam en naar zijn tafeltje liep. Voor mij geen taxidriver die me in zijn Cadillac naar de zoveelste moord brengt, ergens op Ancho Avenue of in Burlingname. Ik heb alle tijd: de vier centimeter dikke T-bone smaakt me voortreffelijk en de conversatie is navenant. Geen chips, baked patatoes, and sliced tomatoes die Spade naar binnen werkte. De Californische wijn blijkt bij afrekening acht dollar per glas te kosten. Dure kater morgenochtend.De tv-netten spatten uit elkaar van het nieuws over het Cubaanse jongetje Elian Gonzalez, die met zijn dode moeder is aangespoeld op het strand bij Miami. Zijn Amerikaanse familie opgezweept door een menigte uitzinnige juristen touwtrekt met de in Cuba achtergebleven vader en met de laatst overgebleven mondiale stalinist, Fidel Castro. Een virtuele oorlog wordt uitgevochten met de media als stoottroepen. Gelukkig is er ook nog een net te vinden dat voor andersoortige verstrooiing kan zorgen. Don Siegel’s klassieker uit 1971, Dirty Harry met Clint Eastwood als eenzame strijder tegen het onrecht in de hoofdrol. Een sombere cop and psycho movie, die voor een groot deel is verfilmd in en rond San Francisco. Morgen toch eens op zoek gaan naar het zwembad boven op het dak van het Chinese Cultural Center of naar de Condor Club, in het Red Light District. Those loonies, they ought to throw a net over the whole bunch of them, gromt Harry. Naar de Sierra and Texas Streets in Potrero Hill, waar de psycho zijn laatste jongetje op gruwelijke wijze heeft vermoord, naar Marina Green aan de haven, waar de achtervolgde gek een meisje kidnapt om vervolgens een grote som losgeld op te eisen. Just shut up and listen. No car. I give you a certain amount of time to go from phonebooth to phonebooth. It rings four times. If you don?t answer by the fourth ring I hang up and that?s the end of the game. The girl dies.

Naar het Kezar Stadium, waarvan ik me nu realiseer dat het sinds de aardbeving van 1989 niet meer bestaat, naar de Marin Headlands en Hawk Hill. Naar de Waldo Tunnel en de Golden Gate Bridge, Highway 101 waarover de gekgeworden schoolbus raast: Sing, dammit, sing! Row, row, row your boat?. Om te eindigen in Larkspur Landing bij het condo complex. If you drive around the condos on Old Quarry Road, you can see scars on the rock wall which may be remnants of the quarry.

Tegenwoordig is er via Internet een heuse Dirty Harry Tour of San Francisco te maken met de mooiste sites van de stad uit de film. Toch eens doen als ik weer terug ben in het oude Europa. Voor het ogenblik is er de film en het is al ver na middernacht.

de Golden Gate Bridge
de

September 17th, 2005

San Francisco Blues, deel 2

Posted in: Travels — admin @ 7:45

Gisteravond André zijn 60e verjaardag gevierd. De alcoholconsumptie bleef beperkt, want nog rijden. Ik neem een vracht boeken mee naar huis, waaronder de briefwisseling (1951-1987) tussen Gerard Reve en Geert van Oorschot, en het BüchBoek, een liber amicorum uit 2004. Het zit wel weer goed in het weekend. Morgen de verkiezingen in Duitsland. Ik verwed er een fles goede Sekt onder (bestaan die?) dat Gerhard Schröder het nog net gaat winnen van Angela Merkel, ondanks de peilingen. Maar het log gaat gewoon verder in San Francisco. Deel 2 vandaag.

wolkenkrabbers blijven fascinerende organismen

SAN FRANCISCO BLUES, DEEL 2

Vanwege de verlengde reisdag van gisteren - je krijgt boven de reguliere 24 daguren er zomaar 9 bij - ben ik gisteravond volledig weggezonken in de sweet dreams die me beloofd werden door Norman P. Blake Jr., de Chairman, President & CEO van het Doubletree Hotel. Vanochtend terug naar San Francisco om daar opnieuw in te checken. Per bus over een van de vele, brede freeways die hun betonnen loper uitrollen tot vlak bij het centrum van de stad. De weke zon dringt zich door de ochtendnevels. Kilometers voor me klimmen de wolkenkrabbers tot in het vale blauw: de witte torens van het First Interstate Center, het imposante blok van de Bank of America en de 260 meter hoge Transamerica Pyramid aan de rand van Chinatown. San Francisco, het Babylon van Amerika’s westkust.Inchecken in Hilton San Francisco & Towers, 333 O’Farrell Street, kamer 1613, 16e etage. De riante kamer is gevuld met twee vorstelijke tweepersoons bedden, biedt uitzicht op zowel grauwe woonblokken als meer kapitaalkrachtige panden. Het Hilton ligt als een soort Checkpoint Charlie, op de grens van het Tenderloin District, de ruigste, wanhopigste, maar ook vitale buurt tussen Union Square en Civic Center ten noorden van de van dollars blinkende Market Street. Aan de ene kant de wereld van de ‘haves’, aan de andere kant de wereld van de ‘have nots’, waar je ook kijkt: grauwe armoede. Bij binnenkomst verrast Robert G. Scypinski, Director of Sales & Marketing, me met een surprisepakket vanwege de foutieve boeking: Sorry for the inconvenience. Enjoy the rest of your stay. Warmest regards. Het feestpakket herbergt o.a. een doos Ghirardelli truffels, een in cellofaan verpakte Lanzetti salami, een fles San Pellegrino bronwater en een pakje Ghirardelli caffè® Italiaanse inborst, die Robert Scypinski, hoewel zijn naam me eerder aan Oost-Europese dan aan Italiaanse maffia doet denken.

het excuusbriefje van Mr. Robert G. Scypinski

Natuurlijk ben ik hier ook voor professionele bezigheden. Met al heel snel een bezoek aan de kantoren van Arthur Andersen Consultants, later in de week nog gevolgd door een aantal bezoeken aan instituten die op ICT-gebied wat te bieden hebben. Zoals het paradepaardje van de multinationale consultant, het Arthur Andersen Community Learning Center, kortweg AACLC genoemd, the School of the Future. De school is gevestigd in Alameda aan de overkant van de San Francisco Bay, waar in een grote werkhal leerlingen en leraren, hier facilitators geheten, in een soort laboratorium-opstelling bezig zijn met allerlei vormen van project based learning. En steeds zijn daar de uit Los Angeles ingevlogen consultants om je te begeleiden en op je vragen in te gaan, Chris Pating en Janet Na, een jong en sluikharig Zuidkoreaans talent. Van de Thurgood Marshall Academic High School naar de Oakland Technical Senior High, van de New Technology High School naar de Fairmont Elementary School.Maar gelukkig biedt het programma voldoende vrije tijd om de stad en de omgeving te leren kennen. Murphy heeft inmiddels zijn greep op me verloren, en het programma zal verder vlekkeloos verlopen.De straat op dan maar. Geluid van loeiende sirenes en grote auto’s met veel pk’s. Niet helemaal het beeld van Jack Kerouac. Als een verwilderd spook stommelde ik de straat op en daar was het, San Francisco - lange trieste straten en tramdraden in mist en witheid gehuld. Ik strompelde een paar blokken verder. Enge zwervers vroegen me in de dageraad om wat geld. Ergens hoorde ik muziek. Maar de dageraad is dan ook al een half etmaal eerder verdwenen in de tijd. De mist is weer tot morgenochtend onder de Golden Gate Bridge door teruggekropen naar de oceaan. De zwervers hebben blijkbaar hun ontbijt al genoten. Betaalde werknemers daarentegen spoeden zich met manshoge kartonnen bekers dampende koffie richting kantoor. Voor de muziek is het nog te vroeg.

Chris Pating en Janet Na: the American Dream Team

September 16th, 2005

San Francisco Blues, deel 1

Posted in: Travels — admin @ 11:25

De komende tien dagen zal ik het verslag van mijn verblijf, een paar jaar geleden - Bill Clinton zou nog een paar maanden president blijven -, in San Francisco publiceren. In de tekst zijn teksten van, en associaties met, ON THE ROAD (Jack Kerouac), THE MALTESE FALCON (Dashiell Hammett) en DIRTY HARRY (Don Siegel) verwerkt. Voor de sfeer, zullen we maar zeggen. Het is geen volledig realistisch verslag van de reis, maar meer een opeenstapeling van reisimpressies en gedachte-associaties. Een soort monologue intérieur, zou je kunnen zeggen. San Francisco, I’m back!

San Francisco, here we come…

SAN FRANCISCO BLUES

Waarom ik alles ophaal dat zich in San Francisco heeft afgespeeld is, dat het zo allemaal in overeenstemming is met wat er verder is gepasseerd.(Jack Kerouac, On the Road, 1955) Daar lag de Stille Oceaan, enkele heuvels verder, blauw en uitgestrekt en met een grote witte muur die naderbij trok van het legendarische aardappelveldje waar de mist van San Francisco geboren wordt. Over een uur zou die door de Golden Gate stromen om de romantische stad in een witte sluier te hullen. Dat was San Francisco; en mooie vrouwen die in witte deuropeningen op hun kerel staan te wachten; en Coït Tower, en de Embarcadero, en Market Street, en de elf krioelende heuvels. Na bijna twaalf uur vliegen dalen we snel in de richting van de Californische bodem. Vlucht KL 605 per Boeing 747 naar San Francisco/SFO Airport. De blauwe reuzenvogel zwenkt nog even naar rechts waarbij de vleugel een groot wak slaat in de spiegel van de San Francisco Bay. Links zie ik door de ovalen raampjes de Grote Oceaan wegzakken in het heelal. Van de Golden Gate Bridge nog geen spoor. Geruisloos rijden glimmende limousines en spectaculaire terreinwagens vanuit Palo Alto en Silicon Valley over de Bayshore Freeway en de Skyline Boulevard richting Pacific Heights of de kades bij Fishermans Wharf. De passagiers worden onrustig en woelen al in hun bagage. Ik frommel Jack Kerouacs Op Weg terug in mijn schoudertas, destijds in een goedkope Bezige Bij editie gekocht tijdens mijn studietijd, 9 september 1970, vertaling John Vandenberg. De roaring sixties zijn zojuist teruggeplaatst in het museum van de tijd. Evenals Kerouacs helden die in geleende en soms ook wel gestolen auto’s over de Amerikaanse wegen racen, van de ene orgie naar de andere. Een boek dat zindert van een meervoudige extase: die van de marihuana, van de liefde, van de jazz en van de blues. In welke stad kom ik terecht, dertig jaar na het einde van de Flower Power? Het astronautisch uitzicht op de grijswitte vlaktes van IJsland en Groenland bij een buitentemperatuur hoog in de lucht van min 55 graden, de door ijsbrekers gekloofde Hudsonbaai en de met poedersneeuw bestoven Rocky Mountains, het ligt al weer uren achter me in de tijd. Nu is er de hectische wereld van SFO. Alle mondiale huidskleuren hebben blijkbaar zonder problemen al in het vliegtuig de lakmoesproef om de Verenigde Staten binnen te mogen doorstaan. Gele en groene formulieren waarop je dient aan te geven of je in het verleden nazistische, terroristische of andere ondermijnende activiteiten hebt gepleegd. Ook voeren zij geen pluimvee, cavia’s of ander kleinvee in, want er ontstaat geen angstig heen en weer gesjor met handkooien of mini-aquaria. Maar na de eerste hobbel genomen te hebben ben je er nog niet. Ook al glimlacht Mister President himself, Bill Clinton, je levensgroot toe. De paspoortcontrole zorgt voor lange, onafzienbare rijen die zich voortbewegen met de snelheid van een zomerse file op een van de zwarte zaterdagen op de Franse autowegen. De moderne variant op Ellis Island. Tenslotte lukt het de States officieel te betreden.

foto: uitzicht op de stad vanaf het terras van het Hilton

Alleen nog even de bagage ophalen. Vergis ik me, of hoor ik echt mijn naam door de intercom? De tweede keer dat ik het hoor realiseer ik me dat het serieus moet zijn. Begint Murhy’s Law me parten te spelen? Mijn bagage blijkt nog in Amsterdam te staan. Van Northwest Airlines, de partner van KLM, mag ik voor $50 eerste levensbehoeften aanschaffen. Gelukkig heb ik me voor vertrek nog verschoond. Pas anderhalve dag later zal ik mijn koffer in ontvangst kunnen nemen. Ik heb dan inmiddels scheerspullen, tandpasta en nog wat hygiënische artikelen in de hotelshop aangeschaft. Maar het zal niet de laatste streek van Murphy zijn op deze eerste dag van mijn American Tour. Ook Bernadette nog Mirjam, mijn reisgenoten van Arthur Andersen, zijn hier niet tegen opgewassen.Buiten wachten op de bus. De zon brandt al warm. De zinderende verkeerschaos van af en aan rijdende taxi’s en busjes. Er wordt gebouwd aan de zoveelste betonnen fly-over. Een familie hindoes met blauw-gouden tulbands steekt de straat over. Aziaten achter het stuur van glimmende terreinwagens. Smeltkroes. Het Hilton waar ik geboekt heb blijkt een verkeerde aankomstdatum geregistreerd te hebben. Pas morgen is op me gerekend. Terug met de bus richting Airport, waar inmiddels enkele kilometers verwijderd van Palo Alto een luxe, driepersoons bed op me wacht in het Doubletree Hotel, kamer 524. We call ourselves the Sweet Dreams company, and for a good reason! Doubletree Hotels offer comfort and peace of mind during your travels, so you’re free to relax and enjoy your particular Sweet Dream. Die eerste Amerikaanse droom is er al, vlak voor me. Ik kijk uit over de avondgladde San Francisco Bay, de ondergaande, flauworanje zon, de geruisloos neerdalende vliegtuigen in de verte. Morgen een tweede aanlooppoging om de stad te veroveren. Eerst me wat opfrissen, daarna een dikke hamburger met friet eten in het restaurant en daarna nog een avondwandeling langs de boorden van de baai.

big city blues op het terras voor het SFMOMA

September 14th, 2005

Zomer in Luik, zomer in Outremeuse

Posted in: Journaal — admin @ 14:22

Samen met Gemma, Rianne en John een aantal dagen geleden een dag naar Luik. De temperatuur is uitstekend, misschien zelfs wat aan de hete kant , 28 graden. Na de koffie in Meers zetten we koers richting Luik. John weet er een heel nieuw winkelcentrum, Belle Ile, en hoewel hij aangeeft de weg er naar toe blindelings te kennen, moeten we elke honderd meter werkloze autochtonen lastigvallen om de weg te vragen. Uit de huizen spettert de armoe je tegemoet. Maar we komen er. Winkelcentra doen me niks, maar hypermarché Carrefour heeft wel wat te bieden. Je hebt er in ieder geval prima Franse producten, die bij ons niet te krijgen zijn. Na afloop eten we een veel te dure - pain bagnat - op het terras, onder een parasol.

terras op de Féronstrée: de Leffe Brune komt goed terecht Een parkeerplaats in Outremeuse is redelijk snel gevonden. In Outremeuse (République Libre d’Outremeuse) heerst steevast een bijna Zuid-Europese sfeer in de smalle straatjes, zoals in de Rue Roture. Daarna op ons gemak via de Saint Pholien, en La Caque, waar destijds Simenon en zijn maten hun drinkgelagen hielden en/of hun vriendinnen besprongen, het centrum in. Zitten daarna minstens anderhalf uur op een terras op de Féronstrée n het centrum. De Leffe Brune smaakt voortreffelijk. En ook het kijken naar al die passerende, in zomerse (dus: weinig) kledij gestoken vrouwen is een lust voor het oog. Zelfs de Arabische en Afrikaanse, en die lijken hier wel in de meerderheid, zijn er smakelijk uit.

Luikse terrassen op de Féronstrée Via de Place Saint Lambert lopen we daarna richting Place de la Cathédrale.

Overal zitten de terrassen vol. Het lijkt wel alsof niemand hoeft te werken. Dat zou eigenlijk ook moeten. Gewoon het leven relaxend doorkomen.  straat in Outremeuse: de République Libre in rust Terug in Outremeuse strijken we op een volgend terras neer. Bekijken nog wat ‘murales’. Het blijft een absoluut sfeervolle wijk. Ook op het nieuwe terras is men bereid Leffe Brune aan te voeren. De glazen kelk wordt opnieuw geheven. En de avond valt, voordat we het goed en wel in de gaten hebben. Werkend Luik keert huiswaarts, maar - zoals het hoort in een bijna Zuid-Europese stad - drinken de ambtenaren en al die andere kantoorslaven eerst een stevige pint. Vanwege de hitte laten we stamkroeg Saint Paul maar even links liggen. Dat reserveren we voor de volgende gelegenheid (zal wel oktober worden, tijdens de grote Luikse kermis). 

eigentijdse ‘murales’ in Outremeuse

September 13th, 2005

Van Decamerone naar boekverbranding

Posted in: Literair — admin @ 14:52

Daar zit je dan, met zijn tweeën in een bloedhete studio van Omroep Venlo. Maandagavond 12 september. Zelden was het zo warm in de afgesloten ruimte. Achter het glas zie je de technicus relaxt en volledig geaircood aan zijn knoppen draaien. Bij ons, André en mij, loopt het zweet bijna tappelings langs de grijze slapen.

En als je dan ook nog weet welke zinderende boeken je gaat bespreken, en welke opzwepende muziek je gaat draaien in dat live uur van het programma ‘Lezen en Schrijven’, dan kan de oververhitting alleen nog maar toenemen. André begint met de erotische klassieker Decamerone van Giovanni Boccaccio. In deze tijd raakt van deze teksten niemand meer van over zijn toeren, want SBS, Talpa en Veronica kunnen je sneller tot een (literair?) hoogtepunt brengen, maar toch. Daarna laat hij een blote stoeipoes voorbij hoge ijzeren stellages met archiefmateriaal kruipen in Ipso Facto van de Franse schrijver Iegor Gran. Daar verbleekt mijn verhandeling over De Stad der Zienden van José Saramago volledig bij. Maar gelukkig is daar de muziek die ik uitgezocht heb. Nummers van Dulce Pontes, Misia, Vaya con Dios, The Cranberries en de Dire Straits. Zwoele fado’s en stevige rock. Het uur vliegt voorbij.

Ook be-interviewen we elkaar de laatste tien minuten van de uitzending nog over het artikel van Cyrille Offermans in de NRC over de ontlezing op school, van zowel leerlingen als docenten. Als gauw raakt je op een hellend vlak. En zit je als oud volk nostalgisch terug te blikken op vroeger, toen er nog mensen waren die een echt boek lazen. Zo erg is het natuurlijk niet. Maar misschien moeten we lezen-voor-je-lol gewoon verbieden. Want iets wat verboden is, is in ieder geval meer aantrekkelijk. Ik wil best ondergronds gaan. Of in de illegaliteit. Elke avond vol angst en beven de klop van de literatuurpolitie op je deur verwachten. Of een brute inval, waarbij je hele huis overhoop gehaald wordt. En dan vinden ze daar onder je bed Heleen van Royen. En in een gecamoufleerde kast de volledige werken van die viespeuk Gerard Reve. Boekverbrandingen op de dorpspleinen zijn dan niet ver meer. En voordat je het goed en wel in de gaten hebt wordt je op een platte wagen, met pek en veren besmeurd, door de straat gereden, samen met dat ander tuig dat ook nog boeken leest. De Culturele Revolutie is nabij!


 

September 12th, 2005

SARAMAGO: De Stad der Zienden (2005)

Posted in: Literair — admin @ 16:07

Vanavond presenteer ik, samen met André weer de live-uitzending van het programma ‘Lezen en Schrijven’ van Omroep Venlo. In het verlengde van mijn Portugese escapades van de afgelopen maanden, lag de bespreking van de nieuwste roman van José Saramago voor de hand. Uiteraard ingeklemd tussen de fado’s van Misia en Dulce Pontes.

Na DE STAD DER BLINDEN ( 1998) verscheen onlangs de vertaling van ENSAIO SOBRE A LUCIDEZ: DE STAD DER ZIENDEN. “Mijn nieuwe roman gaat een hels kabaal ontketenen”, voorspelde José Saramago bij het verschijnen van het boek. En hij kreeg gelijk.

DE STAD DER ZIENDEN

In een niet nader aangeduid land worden verkiezingen gehouden. Wanneer aan het eind van de dag de stemmen worden geteld, blijkt dat 70 procent van de kiezers in de hoofdstad blanco heeft gestemd. De regering verordonneert de verkiezingen over te doen. Deze keer stemt zelfs 83 procent van de kiezers blanco. En ditmaal kan het niet geweten worden aan het regenachtige weer tijdens de eerste ronde. De regering besluit de staat van beleg af te kondigen, perscensuur in te voeren en een grootschalige actie op touw te zetten om de activisten die hier voor verantwoordelijk zijn te elimineren. De actie wordt omschreven als een grootschalige en systematische infiltratieactie onder de bevolking, uit te voeren door speciaal getrainde agenten.Saramago zal zich hierbij zeker gebaseerd hebben op de methoden van de beruchte PIDE onder het bewind van dictator Salazar. Maar omdat het zich immers in een willekeurig land afspeelt, kunnen we deze Saramago-PIDE gevoeglijk vervangen door KGB, STASI en hoe al deze geniepige ogen en oren van welk regime dan ook mogen heten. Er heerst een paranoïde sfeer, die de beklemming krijgt die ook is terug te vinden in de romans van de Albanese schrijver Ismail Kadare.De staat van beleg zorgt voor heel wat problemen in de stad waar de regering gevestigd is Overigens ontwikkelt de stad, de hoofdstad, zich zo langzamerhand tot symbool voor het hele land. Het lijkt wel alsof er een vreemde bezettingsmacht (in dit geval de eigen regering) de bevolking eronder probeert te krijgen.

José Saramago

 

De regering probeert het ondergrondse verzet van de burgers te breken door de stad hermetisch af te laten sluiten door militairen. Regering en politie vertrekken op een nacht compleet uit de stad en vestigen zich op een nieuwe plek, die vervolgens tot nieuwe hoofdstad uitgeroepen wordt. Vanaf die plek zal de president zich op emotionele en tegelijkertijd chanterende toon tot het volk richten als een vader die door zijn kinderen in de steek gelaten is. Zijn bedoeling is uiteraard dat het volk tot inkeer komt. Helaas, het lukt hem niet. Integendeel, de saamhorigheid onder de bevolking neemt alleen maar toe. Zelfs de stakende vuilnisophaaldienst ontdoet zich letterlijk van de uniformen en gaat weer gewoon aan het werk.

Een nieuwe provocatie van de gevluchte regering is het tot ontploffing brengen van een zware bom in een metrostation van de hoofdstad. Het resultaat: 34 doden. De burgemeester legt zijn functie neer. De bevolking laat zich echter niet provoceren en bewaart de kalmte. De politieke partijen daarentegen (er zijn er drie: de partij van links, de partij van rechts en de partij van het midden: gemakkelijk systeem, dat wel) besluiten echter met hun families de stad te verlaten. Hun nachtelijke vlucht stuit op de blokkade van de militairen bij de uitvalswegen. Een nieuwe list van de regering ( “De blanco-stemmers zijn uw huizen aan het plunderen!”, verkondigt de minister van binnenlandse zaken voor de radio) zorgt ervoor dat ze rechtsomkeert maken. Terug in de stad is er van de zogenaamde plunderingen geen spoor te bekennen. Integendeel, de achtergebleven bevolking helpt ze bij het naar binnen dragen van hun spullen.

Dit zorgt voor tweedracht in de regering. Twee ministers leggen hun functie neer, bekennen zelfs ook blanco te hebben gestemd. Een paar dagen later ontvangt de president een brief waarin wordt gewezen op een bijna identieke situatie een viertal jaren eerder. Saramago verwijst hierbij naar zijn roman ?De stad der blinden?, toen de hele stad door een vreemde witte blindheid werd getroffen (op één vrouw na). Chaos, dierlijkheid en overlevingsdrang voerden toen de boventoon bij de bijeengedreven burgers.

De politie spoort de briefschrijver op. Deze beweert deel uitgemaakt te hebben van een groep van zeven blinden. De groep werd begeleid door de enige die nog kon zien, de vrouw van een oogarts. De briefschrijver beweert dat deze vrouw een van de groepsleden vermoord zou hebben. Drie geheime agenten infiltreren in de stad, zoeken de leden groep op, met de intentie sporen te vinden die wijzen op een connectie met het massale blanco stemmen een paar weken eerder. De vrouw van de oogarts wordt ondervraagd. De politie blijft - ook na de ondervraging - in het duister tasten. Sporen, zo die er al waren lopen dood. Twijfels maken zich meester van de commissaris van politie. Heeft het zin sporen te blijven volgen die helemaal geen sporen zijn?

Uiteindelijk gaat de commissaris overstag, en voegt zich bij de zogenaamd subversieve elementen. De regering heeft ondertussen besloten een lastercampagne tegen de vrouw van de oogarts te starten, en haar zowel te beschuldigen van een brute moord tijdens de periode van collectieve blindheid in de stad, als van het oproepen tot het massale blanco stemmen van het volk. De commissaris heeft het spelletje door, en wendt zich tot een van de toonaangevende kranten om zijn versie van de situatie in het land, de waarheid, te onthullen. Zijn artikel wordt inderdaad gepubliceerd, maar de regering laat onmiddellijk alle exemplaren in beslag nemen. Maar het kwaad is geschied. Van een van de weinige gekochte exemplaren circuleren binnen no time duizenden gedrukte kopieën onder het volk. De regering wankelt.

Dan gaat het snel. Maar in deze roman van Saramago zal het cynisme overwinnen. Zowel de kapseizende commissaris als de vrouw van de oogarts worden door huurmoordenaars om het leven gebracht. Hoe het verder moet in de stad van de blanco stemmers, laat de auteur open. Ontegenzeggelijk doet dit verhaal in cynisme niets onder voor ‘Het Dromenpaleis’ van Ismail Kadare, die in zijn roman ook een maatschappij schetst waarvan de burgers elkaar omklemd houden in een staat van paranoia en wantrouwen.

Na het Franse en Nederlandse NEE tegen de Europese Grondwet, de opkomst en ondergang van het Fortuynisme is het duidelijk dat de kloof tussen de burger en de kaste van full time politici alleen nog maar gegroeid is. Je kunt het ook anders zeggen:

DE STAD DER ZIENDEN is José Saramago’s antwoord op de vraag die in de hedendaagse democratie steeds luider klinkt: wie heeft de macht? Heeft de kiezer nog iets in te brengen? Het antwoord in deze roman van Saramago is helder: NEE! Geen vrolijke roman. Maar dat zijn we van Saramago ook niet gewend.

 

 

September 11th, 2005

Zelfs leraren lezen niet meer

Posted in: Journaal — admin @ 11:27

Gisteren in de ‘Opinie en Debat’-bijlage van de NRC grote paniekkreten in verband met de slinkende leescultuur in ons land: “Leraren lezen ook niet, jonge docenten hebben er vaak een uitgesproken hekel aan” en “Op de meeste scholen heerst een anti-intellectualistisch klimaat”, kopt het paginagrote artikel. Ik denk dat de signalen juist zijn, maar de koppen zouden op dezelfde manier kunnen gelden voor willekeurig welke bevolkingsgroep dan ook: studenten, medici, verpleegsters, winkeliers, priesters en ga zo nog maar even door.

De titel van het door Cyrille Offermans geschreven artikel, “Een literaire canon is niet van deze tijd, we kunnen ons beter druk maken om de leescultuur”, geeft een betere indicatie van de huidige stand van zaken met betrekking tot het lezen.

FOTO: vechten tegen de ontlezing: als een Don Quichotte …

Een citaat:

* Het probleem is dat scholen niet langer centra van vorming en ontwikkeling zijn. Scholen staan onder een permanente stress om cijfers af te leveren, bij voorkeur voor ‘presentaties’ en andere glanzende collages van doorzichtig internetjatwerk. Computers te over, bibliotheken verstoffen in hoog tempo. Op de meeste scholen heerst een anti-intellectualistisch klimaat, de leescultuur is er de facto afgeschaft. Het probleem is niet zozeer dat het gros van de leerlingen liever Giphart leest dan W.F. Hermans, het probleem is dat ze liever helemaal niet lezen. En dat kun je ze nauwelijks kwalijk nemen, de leraren lezen ook niet.

En even verder:

* Buitenstaanders hebben er geen idee van hoezeer de ongeletterdheid binnen de scholen is opgerukt, de mensen die het kunnen weten houden wijselijk hun mond.

Ik ben zo iemand die het beter kan weten. Jarenlang heb ik als docent Frans in de bovenbouw van havo en vwo (voordat de Tweede Fase werd ingevoerd) niet alleen de taal onderwezen, maar ook aan literatuur gedaan. Meer dan gemiddeld, denk ik. Ook in die tijd noemde ik de verplichte literatuurlijst al de ‘grote leugenlijst’. Ik heb in havo-5 wel eens anonieme onderzoeken verricht onder de leerlingen om te weten te komen welke boeken die op de lijst stonden ze ook echt gelezen hadden. Het resultaat: ongeveer 30%, De meeste samenvattingen werden ook toen al van elkaar overgepend, of uit kant-en-klare boeken met professionele samenvattingen gehaald. Geen internet voor nodig.

Na de invoering van de Tweede Fase heeft de minister voor nog meer rampspoed gezorgd voor het literatuuronderwijs, niet allen voor de moderne vreemde talen, maar ook bij het vak Nederlands. Nog meer dan voorheen kun je op internet een oceaan aan prima samenvattingen lezen (ja: lezen). En er dus ook van kopiëren (schrijven doe je niet). Het (verplichte) lezen is verworden tot een marginale bezigheid. Iets voor marginalen uit de samenleving of voor uit bejaarde dames bestaande leesclubs? Is de tijd nabij dat iemand die vrijwillig een boek leest door de AIVD wordt gescreend? Om op deze laatste vraag te antwoorden: de pakkans is dan gelukkig klein.

foto: de stand van vandaag: zie ook het log van gisteren

September 10th, 2005

Weer tijd voor de kunst

Posted in: Artist Impressions — admin @ 12:26

Afgelopen zondag is het nieuwe seizoen begonnen van de schilderclub ‘Het Brouwershuis’. Een aantal zomermaanden stilgelegen, zonder enige productie. Het wordt tijd de kwast weer stevig op het doek neer te laten komen. Het nog onvoltooide werk van eind mei dus maar weer van stal gehaald. En na een paar uur onderhanden genomen te hebben flink veranderd. Morgen er aan verder werken.

Nu ik besloten heb vanaf januari niet meer te werken, hoop ik in ieder geval meer tijd vrij te kunnen maken voor het schilderen. Tegelijkertijd ben ik op zoek naar een grote ruimte waar ik op alle tijden terecht kan. De grote voormalige ruimte van de Vrije Academie waar ik nu werk, is alleen op zondagmorgen en dinsdagavond beschikbaar. Ik neem mij voor ook met andere materialen te gaan werken dan tot nu toe. Meer gemengde technieken toe te passen op doek. Of op paneel of papier, het maakt niet uit.

Naast het schilderen blijft ook het schrijven (niet alleen op het weblog) van allerlei teksten me bezighouden. En ook de combi fotografie en reizen gaat de nodige tijd kosten. Kortom, het wordt tijd de tijd te vertragen om voor alles voldoende tijd beschikbaar te houden.

Je loopt natuurlijk het risico chagrijnig door je huis te banjeren als er van alles niks terecht komt, omdat de inspiratie als een plumpudding in elkaar is gezakt. De fles is dan al snel binnen handbereik. En voordat je het goed en wel in de gaten heb zit je bij het Riagg met collega-alcoholisten af te geven op de maatschappij die ook niet meer is wat het was. Kortom, het leven is een aaneenschakeling van valkuilen. In het management-jargon dat ik al vele jaren in mijn werk bezig heet het dat dit soort bedreigingen tegelijkertijd ook weer nieuwe kansen vormen. Laat ik het daarom dan maar op dat laatste houden.

September 9th, 2005

Hart en Hoofd van Portugal in het HANDBOEK PORTUGAL

Posted in: Travels — admin @ 10:19

Vandaag, ter afsluiting van het Portugese weblogavontuur een aantal quotes uit het gisteren al door mij genoemde boek van Marion Kaplan, ‘HANDBOEK PORTUGAL’ (1994). Het 427 pagina?s tellende boek bevat een 12-tal hoofdstukken gewijd aan het Portugal van nu en toen. Het behandelt in een vlot tempo de geschiedenis van Portugal, het kolonialisme en de overstap naar de democratie na de Anjerrevolutie van 1974. Daarnaast is er volop aandacht voor de Portugese volksaard, het familieleven, de sociale klassen, het landschap en de economische vooruitgang van de laatste jaren. Kaplan geeft tenslotte een gedetailleerd chronologisch overzicht van alle koningen, koninginnen en presidenten die over het land hebben geregeerd. Daarnaast staan er een groot aantal handige tips voor Portugal-reizigers afgedrukt, hoewel deze niet helemaal zijn geactualiseerd. Hoewel het boek al meer dan tien jaar geleden is gepubliceerd, gelden de meeste zaken nog wel degelijk. Alleen het door Marion Kaplan geschilderde achterland, tien jaar geleden nog nauwelijks bereikbaar, wordt in sneltreinvaart met behulp van honderden miljoenen euro’s van de Europese Unie ontsloten, en dus ook gemakkelijk toegankelijk voor toeristen en andere Portugal-liefhebbers.

Een paar citaten:

* De positie van Portugal in de meeste statistieken is laag, maar een recente vergelijking van de wijnconsumptie per hoofd van de bevolking plaatste de Portugezen bij de eerste vijf, iets meer dan honderd liter per jaar.* Beleefde Portugezen behoren tot de moorddadigste chauffeurs ter wereld. Het jaarlijkse dodencijfer door verkeersongelukken bedraagt in Portugal 27 op de 100.000 mensen, het hoogste van Europa.

* Salazar had geen hekel aan vrouwen, alleen aan onafhankelijke vrouwen.

* Onder aan de sociale ladder staan nog steeds de gewelddadige mannen die ongeremd en wreed hun vrouw slaan, terwijl de politie, als in veel maatschappijen, een oogje toeknijpt. Blijf-van-mijn-lijfhuizen voor mishandelde vrouwen of verkrachtingsslachtoffers zijn er praktisch niet.

* Seks is sinds het Salazar-tijdperk met groot enthousiasme en veel blote billen naar buiten gekomen. De populaire pers biedt bij wijze van gezinsamusement een opeenvolging van opgewekte, wat oudere piun-ups. Boezems puilen, billen tekenen zich overdreven af, de lingerie is discreet, de lachjes blijven fatsoenlijk. Portugese vrouwen schijnen zich niet vernederd te voelen door die verbijsterend weelderige dames.

* Dat zoveel mensen analfabeet zijn kan worden geweten aan de starre, patriarchale opvatting van Salazar dat sociale orde van meer belang was dan een brede schoolopleiding.

* Traditionele genezeressen, bruxas en curanddeiras, - heksen en traditionele kruidenvrouwtjes - zijn zelfs nu niet ongewoon. Het bijgeloof is krachtig, de heiligen worden vereerd, de kracht van het gebed wordt nooit onderschat.

* Portugal maakt de indruk van een land waar alleen maar goed nieuws is. De sfeer is eerder gelijkmatig dan exotisch, eerder aangenaam dan ontmoedigend.


September 8th, 2005

Het gaat toch om de mensen: nogmaals Portugal

Posted in: Travels — admin @ 17:32

De Portugezen hebben, misschien wel meer nog dan in andere Zuid Europese landen, weinig gevoel voor tijd. Ze hebben nooit haast: Almana (het Spaanse mañana) betekent niet ‘morgen’, maar haast elke willekeurige tijd. Een Portugese fabrieksarbeidser uitleggen waarom het nuttig is een prikklok in te drukken, is dus een lastige bezigheid. In een Europa waarin de noordelijke zakelijkheid en efficiency de boventoon voeren, is het volgens sommigen bijna ondenkbaar dat de Portugezen deze kwaliteiten zullen nastreven, laat staan bereiken.

foto: in Nazaré (aan de kust), de mosselman

In de ‘Diario de Noticias’, een welbekende krant in Portugal las ik een artikel van een Portugese journalist die vreesde dat de Portugese lethargie het land wel eens fataal zou kunnen worden. Hij hoeft zich niet ongerust te maken: de Portugezen hebben veel ergere kwalen doorstaan. Misschien bezitten de Portugezen, die al zoveel tijd achter de rug hebben, een unieke mentale maat voor de tijd die nog zal komen. Daardoor zijn hun grenzeloze verdraagzaamheid, hun resolute scepsis en hun hardnekkig pessimisme de krachtigste wapens in het nationale arsenaal.

Portugal is geen land van targets die gehaald moeten worden. Portugal neemt statistieken voor kennisgeving aan: het zijn slechts constateringen. De Portugezen laten zich niet opjagen. Ze weigeren te buigen voor de Tijd als zwaard van Damocles. Gelukkig dat er nog zo’n landen zijn in Europa.

foto: kopzorgen in Nazaré

Natuurlijk gaan er wel eens wat zaken fout. Bij de bosbranden van de laatste maanden werd pijnlijk duidelijk dat Portugal had verzuimd tijdig eigentijds materieel in te kopen. Of er voor te zorgen dat de bereikbaarheid van het binnenland echt voor op de agenda had gestaan. Zo krijg je in de EU als gauw het etiket van een achterlijke politieke mongool opgeplakt. Maar laten wij (de opgeheven Nederlandse vinger trilt al wat minder vermanend dan een paar jaar geleden) de hand maar in eigen boezem steken. Sociale competenties gedijen hier ook niet altijd even voorspoedig.

foto: kamermeisjes in Nazaré

Het zou wel eens kunnen zijn dat de nabijheid van de onmetelijke Atlantische Oceaan gezorgd heeft voor het idee van tijdloosheid. Wij hebben ons achter de dijken verscholen en ons naar binnen laten jagen door de striemende regen. In Portugal heb je in ieder geval het klimaat mee. En kun je je gedachten de vrije loop laten op de meest vooruitgestoken stuk grond van het Europese vasteland, de Cabo da Roca. Dat geeft ruimte en tijd. Wat een opluchting!

Voor wie maar over land en volk te weten wil komen, lees: HANDBOEK PORTGAL (Achtergronden van Land en Volk) van Marion Kaplan (uitgeverij De Arbeiderspers)

foto: Coimbra met bruiloftgasten

foto: Obidos en een roedel derde leeftijds dames

September 7th, 2005

Lissabon, boegbeeld van Europa

Posted in: Literair, Travels — admin @ 17:05

In deze log de laatste aflevering van ‘Uma noite de fados’: omgekeerd verteld waarbij de fragmenten ook nog eens door elkaar gehusseld werden. Of er nog een touw aan vast te knopen is? Het maakt niet uit. Een puzzel is op allerlei manieren in elkaar te leggen. Zie hiervoor de theorie van Georges Perec in zijn weergaloze ‘Het leven een gebruiksaanwijzing’. Uiteindelijk gaat het om de samenhang. De uitdaging aan de lezer van dit weblog zou kunnen zijn de puzzelstukjes in de juiste volgorde te leggen. En dat moet niet al te moeilijk meer zijn. Een weggevertje is het fragment van vandaag, want dat is het begin van het verhaal. Succes ermee.

foto: Hendrik de Zeevaarder voert zijn troepen aan

In het voorwoord bij ‘Lissabon, een logboek’ van Jos Cardoso Pires wordt nog eens onderstreept hoe Lissabon verweven is met het water. Stroomt het niet breed aan je voorbij, dan valt het wel uit de lucht, hoewel Portugal dit jaar - na maanden van droogte - nog wel wat tegoed heeft. Pires: “Meteen bij de eerste oogopslag zie ik je liggen op de Taag als een zeevarende stad. Het verbaast me niet: telkens wanneer ik me verheven genoeg voel om de wereld te omvatten, op de top van een uitkijkpunt of gezeten op een wolk, zie ik je als schipstad, een schuit met straten en pleinen erin, zelfs de bries die waait smaakt naar zout. Golven uit open zee staan getekend op je plaveisel; ankers zeemeerminnen”. En zo gaat hij nog even door. Pires heeft gelijk: Lissabon leeft met, op, in, aan, bij, van het water. Vanuit de stad werden eertijds de oceanen bevaren, nieuwe werelden ontdekt. De Portugese ontdekkingsreizigers: astronauten op zee (want varen op het kompas van de sterren was toen nog heel gewoon).

foto: de windroos, aangeboden door Zuid Afrika

Na dagen van storm en natte moesson boven Portugal is het hele vliegverkeer volledig ontregeld. Noodweer. Uitgestelde vluchten. Urenlang rondhangen. Het doden van de tijd. Onderbroken door de mechanische stemmen uit de intercom. Een verschuiving in het normale tijdschema brengt de geest altijd een koude nieuwigheid, een licht onaangenaam genot. De laatste passagiers van vlucht KL 356 naar Caracas worden verzocht zich met spoed te begeven naar gate C16. Op het scherm verspringt vlucht TP 623 naar Lisboa en Funchal met de regelmaat van de klok. Totdat tenslotte het baliepersoneel aanstalten maakt om ons in te schepen. Voor me dringt zich een ebbenhouten Noami Campbell. Kaapverdische eilanden. In zwarte mini en een okergeel hesje. Safraangeuren. Ik laat haar voor.Met een vertraging van meer dan vier uur landt het vliegtuig van TAP om half elf in het donker. Woonwijken schuiven in kerstverlichting en glimmend van het nat onder ons door. Tot de lichte schok van doorverende wielen op beton me doet realiseren dat ik voor de duur van een week inwoner van Lissabon zal zijn. Lisboa. Drukkend warm nog, deze nacht. 18 Graden. Met minder fatalisme in me dan Pessoa. Ik beschouw het leven als een herberg waar ik moet verwijlen tot de diligence van de afgrond arriveert.

foto: de Golden Gate van Lissabon: Ponte 28 de Abril

Lissabon. Lisboa. Aan het einde van alle zeereizen. De laatste sporen van de man van de duizend listen, die zoveel rondzwierf, nadat hij de heilige stad van Troje verwoest had. Opgejaagd door Poseidon, de aardschokker. De Feniciërs hebben al eeuwen her hun ankers gelicht. Allis Ubbo, Olisipo, de stille haven. De eindeloze tijd. En ook de Moren en de West-Goten wendden de steven. Zeewaarts. Met de rug naar Lissibona. De bus zorgt voor een snel vervoer naar hotel Amazonia. Een blok beton van acht verdiepingen in het Portugese regenwoud. Een vaalwit heart of darkness. Op enkele tientallen meters van de Jardim das Amoreiras. En de resten van het 18e-eeuwse Aqueduto das Aguas Livres. De vrije wateren. Die met miljoenen liters tegelijk zijn uitgestort boven Lissabon. En zijn teruggestroomd in de eeuwige Taag. Perpetuum mobile.
foto: de Ponte Vasco da Gama: fly over 13 kilometer brede de Taag

foto: de Ponte Vasco da Gama: fly over 13 kilometer brede de Taag

Next »
 
  • ON THE ROAD naar Santiago de Compostela

  • Sint Jacobus leidt me door braamstruiken en naar bierloze cafés

  • New York op doek: nieuwe schilderijen

  • SLEEPLESS IN MANHATTAN 20

  • SLEEPLESS IN MANHATTAN 19

  • SLEEPLESS IN MANHATTAN 18

  • SLEEPLESS IN MANHATTAN 17

  • SLEEPLESS IN MANHATTAN 16

  • SLEEPLESS IN MANHATTAN 15

  • SLEEPLESS IN MANHATTAN 14

  • SLEEPLESS IN MANHATTAN 13

  • SLEEPLESS IN MANHATTAN 12

  • SLEEPLESS IN MANHATTAN 11

  • SLEEPLESS IN MANHATTAN 10

  • SLEEPLESS IN MANHATTAN 9

  • SLEEPLESS IN MANHATTAN 8

  • SLEEPLESS IN MANHATTAN 7

  • Christo in Central Park New York

  • SLEEPLESS IN MANHATTAN 6

  • SLEEPLESS IN MANHATTAN 5

  • SLEEPLESS IN MANHATTAN 4

  • SLEEPLESS IN MANHATTAN 3

  • SLEEPLESS IN MANHATTAN 2

  • SLEEPLESS IN MANHATTAN 1

  • Sleepless in Manhattan - intro

  • Andalusië: tapas en manzanilla met Federico Garcia Lorca 18

  • Andalusië: tapas en manzanilla met Federico Garcia Lorca 18

  • Andalusië: tapas en manzanilla met Federico Garcia Lorca 17

  • Andalusië: tapas en manzanilla met Federico Garcia Lorca 16

  • Andalusië: tapas en manzanilla met Federico Garcia Lorca 15

  • Andalusië: tapas en manzanilla met Federico Garcia Lorca 14

  • Andalusië: tapas en manzanilla met Federico Garcia Lorca 13

  • Andalusië: tapas en manzanilla met Federico Garcia Lorca 12

  • Andalusië: tapas en manzanilla met Federico Garcia Lorca 11

  • Andalusië: tapas en manzanilla met Federico Garcia Lorca 10

  • SLEEPLESS IN MANHATTAN

  • Andalusië: tapas en manzanilla met Federico Garcia Lorca 9

  • Andalusië: tapas en manzanilla met Federico Garcia Lorca 8

  • Andalusië: tapas en manzanilla met Federico Garcia Lorca 7

  • Andalusië: tapas en manzanilla met Federico Garcia Lorca 6

  • Andalusië: tapas en manzanilla met Federico Garcia Lorca 5

  • Andalusië: tapas en manzanilla met Federico Garcia Lorca 4

  • Andalusië: tapas en manzanilla met Federico Garcia Lorca 3

  • Andalusië: tapas en manzanilla met Federico Garcia Lorca 2

  • Intermezzo: de Vuelta in Venlo 2

  • Intermezzo: de Vuelta in Venlo 1

  • Andalusië: tapas en manzanilla met Federico García Lorca 1

  • BINNENKORT IN DIT THEATER: ANDALUSIË

  • Hermitage: het zomerpaleis van Nicolaas II aan de Amstel

  • Wajauw? Met Ahmed Marcouch en Hans Laroes naar Brooklyn aan de Maas

  • Luik: van nu en toen, van Calatrava en Les Olivettes

  • Geen Pim Pandoer, wel Beethoven in ’s Heerenberg

  • Spaanse La Notte in het Hollandse Slot Loevestein

  • Van Gogh en de kleuren van de nacht in Amsterdam

  • Opnieuw de ruimte in: A Space Odyssey 2

  • Schilderen: een lange winter met gebrande omber sienna

  • Paradise by the dashboard light

  • Shipbreaking op doek. Met dank aan Edward Burtynsky - Work in Progress

  • Ode Maritima aan Fernando Pessoa

  • Manhattan Transfer - New York City Blues - 16

  • Manhattan Transfer - New York City Blues - 15

  • Manhattan Transfer - New York City Blues - 14

  • Manhattan Transfer - New York City Blues - 13

  • Manhattan Transfer - New York City Blues - 12

  • Manhattan Transfer - New York City Blues - 11

  • Manhattan Transfer - New York City Blues - 10

  • Manhattan Transfer - New York City Blues - 9

  • Manhattan Transfer - New York City Blues - 8

  • Manhattan Transfer - New York City Blues - 7

  • Manhattan Transfer - New York City Blues - 6

  • Manhattan Transfer - New York City Blues - 5

  • Manhattan Transfer - New York City Blues - 4

  • Manhattan Transfer - New York City Blues - 3

  • Manhattan Transfer - New York City Blues - 2

  • Manhattan Transfer - New York City Blues - 1

  • MANHATTAN TRANSFER

  • Corrida aan het einde van de Indian Summer

  • Valencia: Tapas op de Feria van Calatrava 14

  • Valencia: Tapas op de Feria van Calatrava 13

  • Valencia: Tapas op de Feria van Calatrava 12

  • Valencia: Tapas op de Feria van Calatrava 11

  • Valencia: Tapas op de Feria van Calatrava 10

  • Intermezzo: Lucien zingt Lee Towers

  • Valencia: Tapas op de Feria van Calatrava 9

  • Valencia: Tapas op de Feria van Calatrava 8

  • Valencia: Tapas op de Feria van Calatrava 7

  • Valencia: Tapas op de Feria van Calatrava 6

  • Valencia: Tapas op de Feria van Calatrava 5

  • Valencia: Tapas op de Feria van Calatrava 4

  • Valencia: Tapas op de Feria van Calatrava 3

  • Valencia: Tapas op de Feria van Calatrava 2

  • Valencia: tapas op de Feria van Calatrava 1

  • VALENCIA: tapas op de Feria van Calatrava

  • Feria Andaluza in Boom België, of all places

  • Corazón onder de Sheltering Sky van Andalusië 15 / slot

  • Corazón onder de Sheltering Sky van Andalusië 14

  • Corazón onder de Sheltering Sky van Andalusië 13

  • Corazón onder de Sheltering Sky van Andalusië 12

  • Corazón onder de Sheltering Sky van Andalusië 11

  • Corazón onder de Sheltering Sky van Andalusië 10

  • Powered by ME :) !! en MainCore
    Blog (c) WordPress 1.5 Theme created by McMike and Mr-Godd